Swipe to the left

Het vak in verandering

Print
Het vak in verandering
By Dr. F.P.J. Snel 3 april 2019 553 keer bekeken Geen opmerkingen

Onlangs was het vijfentwintig jaar geleden dat ik me op een dinsdagochtend meldde op de Groen van Prinstererlaan in Amstelveen om te beginnen aan mijn eerste werkdag als belastingadviseur. Ik ben niet het type dat regelmatig mijmert over ‘de goede oude tijd’. Maar desondanks kan ik er niet omheen dat het vak van belastingadviseur sindsdien flink is veranderd en dat dit ook voor mij gevolgen heeft. In deze Opinie ga ik in op de betekenis van deze veranderingen en op de vraag wat ik ervan vind. En er is een aspect dat ik eruit wil lichten: de ethische kanten van het vak. Hoe – als belastingadviseur – om te gaan met (mogelijke) belastingfraude en (mogelijke) agressieve belastingplanning?

Aan het begin van deze Opinie wil ik opmerken dat ik een algemeen beeld probeer te schetsen op basis van wat ik mij herinner en nu waarneem. Het is dus primair mijn persoonlijke verhaal. Ik vermoed echter dat vele generatiegenoten zich in mijn verhaal zullen herkennen. Ik besef dat elke generalisatie naar haar aard geen recht doet aan de diversiteit van de werkelijkheid; niet iedere belastingadviseur toen of nu zal zich volledig herkennen in het beeld dat ik hierna schets.

De jaren negentig, de situatie destijds

Destijds werd er uiteraard ook aan cliëntonderzoek gedaan. Je wilde geen drugshandelaren, ontvoerders of ‘gewone criminelen’ als cliënt. Maar verder werden vele dubieuze personen of bedrijven toch minder geweerd dan vandaag. Vooral op het gebied van corrupte politici lag de lat beduidend lager. Bedrijven die (deels) in handen waren van bijvoorbeeld Soeharto, Mubarak of Pinochet waren acceptabel als cliënt. Ook structuren opgezet om smeergeld te betalen waren acceptabel. Overigens was smeergeld destijds aftrekbaar en konden over dit onderwerp ook afspraken met de Belastingdienst gemaakt worden.

Ook destijds was men het er unaniem over eens dat een belastingadviseur niet actief mee zou moeten werken aan belastingfraude. Maar de verantwoordelijk hield op aan de grens van je expertise. Dus, geen fraude in Nederland. Maar wat de cliënt of zijn adviseur in een ander land deed, viel buiten je deskundigheid en je bemoeide je daar niet mee. Je wees wel op de mogelijkheid van informatie-uitwisseling door de Nederlandse Belastingdienst en je eigen plicht om die Nederlandse Belastingdienst desgevraagd alle relevante informatie te verstrekken. En verder vertrouwde je blind op (de lokale adviseur van) je cliënt.

Ik had al vrij snel zo’n honderd nv-/bv-structuren onder mijn hoede. Simpele structuren, waarvan ik nu denk dat ze vrijwel allemaal onbekend waren bij de fiscus in het land van de UBO. Structuren die in sommige gevallen door die UBO onder de toenmalige wetgeving in die landen ook niet hoefden te worden aangegeven. Maar in andere gevallen waarschijnlijk wel.

Dit is het eerste deel van een NTFR Opinie geschreven door dr. F.P.J. Snel. De volledige opinie kunt u hier inzien. Deze Opinie is opgenomen in NTFR nummer 14 van 4 april 2019 (NTFR 2019/816).


Blijf op de hoogte van onze blogs en meer door Sdu Fiscaal te volgen op LinkedIn
Posted in: Fiscaal Recht