Swipe to the left

Speelt de wetgever vals?

Print
Speelt de wetgever vals?
By mr. A.J. van Lint 6 februari 2019 370 keer bekeken Geen opmerkingen

It takes two to tango, zo luidt de titel van een artikel dat Hans van Leijenhorst schreef in het WFR naar aanleiding van de plannen van de Belastingdienst rond Horizontaal Toezicht. Hij hield een warm pleidooi om de inspecteur zijn beleidsvrijheid (Freies Ermesse) terug te geven en hem te bevrijden van de soms knellende banden van de kennisgroepen. Dit om in concrete situaties maatwerk te kunnen leveren om zo tot redelijke oplossingen te kunnen komen. Een betoog dat ik van harte onderschrijf. Om de tango te kunnen dansen is echter niet alleen een goede danspartner nodig, maar ook de juiste muziek. Wanneer in deze metafoor de inspecteur en de belastingplichtige (en diens adviseur) de dansende partijen zijn, is het de wetgever die voor de muziek moet zorgen. En de kwaliteit daarvan is zorgwekkend te noemen. Een enkele valse noot is voor het dansende paar nog overkomelijk, maar als een flink deel van de partituur uit muzikale missers bestaat, wordt het wel heel lastig om nog een fatsoenlijke dans ten beste te geven.

Deugdelijke onderbouwing van wetgeving

Complexe wetgeving is ongewenst, maar is soms onvermijdelijk. Wetgeving die in zichzelf echter onbegrijpelijk is, omdat een dragende gedachte ontbreekt, en louter is ingegeven door budgettaire of inkomenspolitieke argumenten, is evenwel de bijl aan de wortel van de belastingmoraal. Als de belastingplichtige niet kan worden uitgelegd waarom een regeling, zeker als die als onredelijk wordt ervaren, luidt zoals die luidt, brokkelt het draagvlak onder het belastingstelsel snel af. In combinatie met een afnemend vertrouwen in de politiek in het algemeen is dat een zorgwekkende ontwikkeling.

Wanneer het orkest er met regelmaat duchtig naast zit, kan dat aanleiding zijn om het op te heffen en een nieuw orkest op te richten. Het vorige kabinet kondigde een dergelijke grootscheepse operatie aan, maar van die voorgenomen belastingherziening is de laatste tijd weinig meer vernomen. Twee belangrijke kwesties staan nog wel op de rol, te weten de problematiek rond het ondernemerschap in de IB en de aangekondigde overstap naar een heffing op inkomsten uit vermogen op basis van de daadwerkelijk genoten voordelen in plaats van een forfaitair rendement. Concrete wetsvoorstellen zijn er echter nog niet.

Om snel tot verbetering van de kwaliteit van de muziek te komen is het echter niet per se nodig om het gehele orkest te vervangen. Verwijdering van enkele notoire brokkenmakers kan al tot een aanzienlijke verbetering leiden. In ieder geval dient te worden vermeden dat nieuwe valsspelers aan het orkest worden toegevoegd. Helaas levert het inmiddels ingevoerde Belastingplan 2019 in dit verband toch weer een aantal lelijke dissonanten producerende leden op, waardoor per saldo het aantal knoeiers in het orkest toch weer is toegenomen. Ik noem er enkele en beperk me daarbij tot de IB en de VPB.

Dit is het eerste deel van een NTFR Opinie geschreven door mr. A.J. van Lint. De volledige opinie kunt u hier inzien. Deze Opinie is opgenomen in NTFR nummer 6 van 7 februari 2019 (NTFR 2019/281).


Blijf op de hoogte van onze blogs en meer door Sdu Fiscaal te volgen op LinkedIn
Posted in: Fiscaal Recht