Fiscale maatregelen bij de plannen van aanpak leegstand kantoren


In een brief aan de Tweede Kamer van 28 april jl. gaat de minister van Infrastructuur en Milieu in op de drie plannen van aanpak van respectievelijk D66, SP en PvdA om de kantorenleegstand aan te pakken. In deze plannen waren ook een aantal fiscale suggesties gedaan die zouden kunnen leiden tot een vers oepeling van herstructurering en transformatie van leegstaande kantoren naar woningen. Zo was ondermeer voorgesteld om versneld te kunnen afschrijven, dan wel te kunnen afschrijven tot onder de WOZ-waarde. De minister stelt – kort gezegd – in haar brief dat het al mogelijk is om af te waarderen tot lagere bedrijfswaarde en dat een regeling die extra afschrijving mogelijk maakt dus niet echt noodzakelijk is. Los daarvan zal deze ook moeten worden voorgelegd aan de Europese Commissie ter toetsing op staatssteun. Ook de btw-suggesties, die met name zagen op verlaging of vrijstelling van btw bij transformatie, acht de minister niet bruikbaar, daar deze in strijd zouden zijn met de Europese richtlijnen. Gedeeltelijke afschaffing van de integratieheffing zou een ongelijk speelveld creëren en gehele afschaffing heeft te grote budgettaire gevolgen. Andere genoemde maatregelen op het gebied van de onroerendezaakbelasting, invoering van leegstandsheffing, openruimteheffing en/of statiegeldregeling acht de minister evenmin wenselijk, aangezien deze niet aansluiten bij de wens het aantal belastingen te verminderen en/of een lastenverzwaring de markt betekenen. Dit betekent naar verwachting dat geen van de voorgestelde fiscale maatregelen zullen worden overgenomen.

MvFVROM:2011044487, dd. 28-04-2011

Verder lezen
Terug naar overzicht