Hof Arnhem 04-11-2003, JAR 2004, 29


Bedrijfsongeval. Aansprakelijkheid werkgever.

Zie voor de complete uitspraak JAR 2004, 29.

De "werknemer" is in juni 1997 op basis van een detacheringsovereenkomst tussen de Stichting Werk en Scholing Projecten en de Politie Regio Gelderland bij de politie gedetacheerd als woninginbraakpreventie adviseur bij het Inbraak- en preventieteam. De aanstelling vond plaats in het kader van de zogeheten Melkert-regeling. De "werknemer" stelt dat hij als gevolg van het plotseling remmen door de bestuurder van een bus waarin hij voor zijn werk zat, een whiplash heeft opgelopen. Hij heeft de gemeente voor de gevolgen hiervan aansprakelijk gesteld op grond van art. 7:658 lid 4 BW. De kantonrechter heeft de vordering afgewezen op de grond dat de werkzaamheden van het Inbraak- en preventieteam niet kunnen worden gerekend tot het beroep of bedrijf van de Politie, zodat art. 7:658 lid 4 BW niet van toepassing is. De "werknemer" stelt hoger beroep in. Het hof overweegt dat vastgesteld moet worden of de Politie de "werknemer" arbeid heeft laten verrichten "in de uitoefening van haar bedrijf". Naar het oordeel van het hof is dit niet het geval. Bij overheidsorganen zal, aldus het hof, in het algemeen niet snel kunnen worden aangenomen dat sprake is van een bedrijf in de zin van art. 7:658 lid 4 BW. Alleen indien er daadwerkelijk sprake is van de uitoefening van een bedrijf, bijvoorbeeld bij een gemeentelijk vervoersbedrijf, zou een overheidswerkgever onder de werking van dit artikel kunnen vallen. In dit verband is ook de definitie van "bedrijf" in het Van Dale Groot Woordenboek relevant. Deze luidt onder meer: "overheidsinstelling ter verzorging van bepaalde belangen ten nutte van het publiek, op commerciële voet". Daartegenover staat het begrip "dienst" dat niet op winst gericht is. Vast staat dat de werkzaamheden op het gebied van inbraakpreventie, waar de "werknemer" zich mee bezig hield, niet gericht waren op het behalen van winst. De Politie heeft dus niet gehandeld in de uitoefening van een bedrijf. Reeds op die grond kan geen aansprakelijkheid worden aangenomen op grond van art. 7:658 lid 4 BW.

Terug naar overzicht