Hof Arnhem 25-02-2003, NJ 2003, 515


Bedrijfsongeval.

Een bemanningslid van een vissersboot overkomt tijdens de uitvoering van zijn werkzaamheden een bedrijfsongeval. Bij het uitstomen van de visnetten blijft de rijgdraad van het visnet haken en bij een poging tot losmaking, knapt de draad waarbij de werknemer ernstig letsel oploopt aan zijn rechteroog. De werknemer acht de schipper, tevens eigenaar van het schip, aansprakelijk en vordert schadevergoeding. In hoger beroep van de rederij stelt het hof dat het gaat om de vraag of de rederij jegens de werknemer aansprakelijk is op grond van "schuld op het schip" ex art. 8:554 jo 8:541 BW. Onder verwijzing naar de uitspraak van de Hoge Raad van 30-11-2001 (NJ 2002, 143) oordeelt het hof dat er onder andere sprake is van schuld van het schip als de schade het gevolg is van een fout van een persoon die ten behoeve van het schip of van de lading arbeid verricht, begaan in de uitoefening van zijn werkzaamheden. Het hof is van oordeel dat de eigenaar van het schip als schipper een fout heeft gemaakt bij het uitstomen van de visnetten, door niet tijdig op het stopteken van de werknemer te reageren en door met te grote snelheid de uitstoommanoeuvre uit te voeren. Deze fout levert "schuld op het schip" op en daarmee is de rederij aansprakelijk. Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.

Terug naar overzicht