Hof Leeuwarden 09-09-1998, Prg. 1999, 5104, NJ 1999, 336


Aansprakelijkheid werkgever. Ontbinding gewichtige redenen. Rekest civiel.

De arbeidsovereenkomst van een werknemer wordt ontbonden door de kantonrechter. De werknemer stelt dat de gang van zaken tijdens de procedure onrechtmatig is en vordert een schadevergoeding van de werkgever. De rechtbank wijst de vordering af, waarop de werknemer in hoger beroep gaat, stellende dat de rechtbank onvoldoende oog heeft gehad voor de wijze waarop bij de kantonrechter ontbinding van de arbeidsovereenkomst is geforceerd. Het Hof overweegt dat nu geen rekest civiel is ingesteld een nieuwe beslissing zou moeten worden gegeven, waarvan het materiële effect is dat aan een eerdere onherroepelijke rechtelijke uitspraak de bindende kracht wordt ontnomen zonder dat daartegen een rechtsmiddel is aangewend. Dit past niet in het gesloten stelsel van rechtsmiddelen. Niet is gebleken van het schenden van het beginsel van hoor en wederhoor en het bezwaar tegen het toekennen door de rechter van een zekere waarde aan feiten of omstandigheden is van een geheel andere orde dan een schending van een fundamenteel rechtsbeginsel. Omtrent schending van enig ander fundamenteel rechtsbeginsel is niets gesteld of gebleken. Het Hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.

Terug naar overzicht