Hof 's-Gravenhage 08-07-1999, JAR 1999, 177


Hoger beroep ontbinding gewichtige redenen. Directeur. Competentie.

Zie voor de complete uitspraak JAR 1999, 177.

Een overslag- en een scheepvaartbedrijf verzoeken de rechtbank de arbeidsovereenkomst met de statutair directeur te ontbinden. De werknemer betwist dat hij statutair directeur is en de rechtbank verklaart zich onbevoegd. De vennootschappen gaan in hoger beroep, stellende dat de rechtbank ten onrechte art. 7:685 BW buiten beschouwing heeft gelaten. Volgens de vennootschappen is de werknemer destijds in de algemene vergadering van aandeelhouders (AVA) tot algemeen directeur benoemd, hetgeen blijkt uit een met de hand geschreven agenda, opgemaakt door de enig aandeelhouder van de moedermaatschappij. Het Hof acht de onduidelijke vermelding niet ondubbelzinnig en dus niet geldend als een schriftelijke vastlegging in de zin der wet. Bovendien ontbreken de statutair vereiste notulen van de vergaderingen van de AVA. Nu niet is aangetoond dat een benoemingsbesluit is genomen, gaat het Hof ervan uit dat de werknemer niet tot algemeen directeur is benoemd. Het feit dat de werknemer bepaalde inschrijvingsformulieren ten behoeve van het handelsregister heeft ondertekend, maakt dit oordeel niet anders, temeer nu de werknemer de conceptovereenkomst tussen de vennootschap en de statutair directeur niet heeft ondertekend. Gelet op deze omstandigheden heeft de rechtbank zich terecht onbevoegd verklaard. Het Hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en verwijst de zaak naar de kantonrechter.

Terug naar overzicht