JG 2017/22, RvS 15-03-2017, ECLI:NL:RVS:2017:676, 201606311/1/A2 (met annotatie van mr. T. ten Have RT en mw. mr. ing. J.J. Thoonen)

Inhoudsindicatie

Nadeelcompensatie, Voorzienbaar op grond van onderhoudsbeleid Waterschap

Samenvatting

Het Strategisch Onderhoudsplan en het daarop gebaseerde Operationeel Onderhoudsplanbeleid van het waterschap was gericht op waterconservering en het tegengaan van verdroging. Dit Onderhoudsplan is aan te merken als concreet beleidsvoornemen, waardoor appellante ten tijde van aankoop van de bospercelen al rekening moest houden met (toekomstige) vernatting van die percelen.

Uitspraak

De Stichting, sinds 2004 eigenaresse van de bospercelen, stelt schade te lijden door de stijging van het grondwaterpeil. Volgens de Stichting is de bomenopstand door de vernatting van de bodem minder tot wasdom gekomen en verzwakt, waardoor bomen voortijdig moesten worden gekapt en een rendabele exploitatie van bomenopstand onmogelijk is geworden.

Volgens de rechtbank moet worden aangenomen dat de eigenaresse van de bospercelen op het moment van aankoop van die percelen in 2004 rekening moest houden met mogelijke vernatting van de bodem, ook al kan niet met zekerheid worden gezegd op welk moment en in welke mate door het gewijzigde maaibeleid zoals neergelegd in het Strategisch Onderhoudsplan (hierna: het SOP) en het daarop gebaseerde Operationeel Onderhoudsplan (hierna: het OOP) vernatting zou optreden. Vast staat dat het beleid was gericht op vernatting dan wel het tegengaan van verdroging en op het verhogen van de grondwaterstand, terwijl de betrokken bospercelen laag gelegen zijn.

Dan was de vernatting ten tijde van aankoop voorzienbaar, zodat de schade voor rekening van de stichting komt.

Dat uit het beleid niet kon worden afgeleid dat de vernatting ernstiger zou zijn dan het enkel tegengaan van verdroging, maakt dit niet anders, omdat voor het aannemen van risicoaanvaarding niet vereist is dat ten tijde van de aankoopdatum van de bospercelen de verwezenlijking van de schadeveroorzakende overheidsmaatregel volledig en onherroepelijk vaststond of dat de omvang van de nadelige gevolgen met nauwkeurigheid kon worden bepaald.

Noot

Volgens vaste jurisprudentie, zie ook de Afdelingsuitspraak inzake Wormerland van 30 juni 2010 (ECLI:NL:RVS:2010:BM9640), is voor het aannemen van risicoaanvaarding niet vereist dat verwezenlijking van de schadeveroorzakende overheidsmaatregel volledig en onherroepelijk vaststaat, of dat deze maatregel in detail is uitgewerkt of dat de omvang van de nadelige gevolgen met nauwkeurigheid kan worden bepaald.

Beslissend is of op het moment van investering – in casu de aankoopdatum – de mogelijkheid van de schadeveroorzakende overheidsmaatregel zodanig kenbaar was, dat hiermee bij de investeringsbeslissing rekening kon worden gehouden. Voor voorzienbaarheid is niet vereist dat een dergelijk beleidsvoornemen een formele status heeft. Er moet rekening worden gehouden met concrete beleidsvoornemens die openbaar zijn gemaakt.

De voorliggende kwestie van vernatting van bospercelen bevestigt dat ook een Strategisch Onderhoudsplan kan worden aangemerkt als een concreet beleidsvoornemen waaruit risicoaanvaarding wegens voorzienbaarheid kan volgen.

mr. T. ten Have RT en mw. mr. ing. J.J. Thoonen, Ten Have Advies

Terug naar overzicht