Kantonrechter Alphen aan den Rijn 18-03-2003 (Mulder), JAR 2003, 111


Arbeidstijd. Ouderschapsverlof. Wijziging arbeidsvoorwaarden.

Zie voor de complete uitspraak JAR 2003, 111.

De werkneemster is sinds 1 september 1996 als productie-/trafficmanager werkzaam in het grafisch bedrijf van de werkgever. Vanaf 1 maart 2002 werkt de werkneemster 22,5 uur per week, op maandag, dinsdag en woensdag van 9.00 tot 17.00 uur met een half uur pauze. De werkneemster fungeert als intermediair tussen opdrachtgever en aanbieder. Het bedrijf bestaat inclusief de directie uit zes werknemers. De werkneemster heeft de werkgever laten weten ouderschapsverlof te willen opnemen gedurende zes uur per week in de periode van 10 maart 2003 tot en met 10 februari 2004. Zij wil, in verband met de opvang van haar twee kinderen, op maandag en dinsdag tot 14.45 uur werken en op woensdag tot 15.30 uur. De werkgever heeft hier bezwaar tegen. Hij voert aan dat met de werkneemster is afgesproken dat zij parttime kon werken als zij gehele dagen zou werken. Daardoor kan het aantal overdrachtsmomenten beperkt worden en behoeven collega's zo min mogelijk extra belast te worden. De kantonrechter stelt vast dat op grond van de Wet Arbeid en Zorg een werkneemster binnen de grenzen van de wettelijke aanspraken in beginsel ouderschapsverlof kan opnemen gedurende de periode en op de wijze die zij verkiest. De werkgever kan de spreiding van de verlofuren die de werkneemster heeft aangegeven op grond van een zwaarwegend bedrijfs- of dienstbelang anders bepalen. Hierbij geldt niet de lichtere toets van belangenafweging naar redelijkheid en billijkheid zoals in het kader van spreiding van de uren bij een vermindering van de arbeidsduur, maar de zwaardere eis van het zwaarwegend bedrijfsbelang. Getoetst aan dit criterium acht de kantonrechter het verweer van de werkgever ongegrond. De werkneemster werkt al enkele jaren parttime en niet gebleken is dat dit heeft geleid tot knelpunten met betrekking tot de overdracht of de bedrijfsvoering. De werkneemster werkt vrij zelfstandig en veelal voor vaste opdrachtgevers. Van haar mag verwacht worden dat zij in de contacten met die opdrachtgevers inspeelt op de tijdelijk gewijzigde situatie in verband met ouderschapsverlof. Voorts is gebleken dat de werkgever in het recente verleden is akkoord gegaan met een wijziging van de werkdagen in welk geval de overdrachtsproblemen oplosbaar werden geacht. De vordering is daarom toewijsbaar. (Zie vervolg Kantonrechter Alphen aan den Rijn 24-06-2003 en Hof 's-Gravenhage 01-08-2003, JAR 2003, 213, hiervoor).

Terug naar overzicht