Kantonrechter Amsterdam 15-02-1999, JAR 1999, 106 (Brada)


Ontbinding gewichtige redenen. Ontbinding gewichtige redenen verzoek werknemer. Schadeloosstelling (B excl. bonus incl. opties).

Zie voor de complete uitspraak JAR 1999, 106.

Een werkgever verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst van een 45-jarige manager, bijna twee jaar in dienst, salaris NLG 15.043,-- bruto per maand (exclusief een van de jaaromzet afhankelijke bonus), omdat hij de financiële administratie niet op orde zou hebben. De werknemer is ruim een half jaar eerder op non-actief gesteld, toen bleek dat twee facturen waren afgeboekt op 1997, terwijl levering van de op de facturen vermeld staande goederen pas plaatsvond in 1998. De werknemer stelt dat hij is aangenomen om algemeen leiding te geven en dat hij geen opdracht heeft gekregen de financiële reorganisatie te herstructureren. De werknemer meent dat hij goed heeft gefunctioneerd en dat hij niet verantwoordelijk was voor de te vroege facturering (die overigens van geringe invloed was op de hoogte van zijn bonus), omdat hij zich daar niet mee bezighield. De werknemer verzoekt eveneens ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van een verstoorde arbeidsverhouding. De kantonrechter overweegt dat hem niet duidelijk is geworden in welk opzicht de werknemer heeft gefaald, zodanig dat hem de breuk met de werkgever verweten kan worden. Veel van wat de werknemer wordt verweten, heeft te maken met de financieel organisatorische problemen, die geruime tijd voor zijn aantreden bestonden. Bovendien was de werknemer als algemeen directeur niet direct verantwoordelijk voor de foute facturering. Op grond van deze omstandigheden kan de arbeidsovereenkomst niet worden ontbonden, doch nu er sprake is van een verstoring van de arbeidsverhouding dient het verzoek van de werknemer te worden toegewezen en wel met een vergoeding, nu deze verstoring voornamelijk aan werkgever is te wijten. Bij de vaststelling van de vergoeding wordt geen rekening gehouden met de bonus, omdat dit een variabel onderdeel is, maar wel met de schade, die de werknemer lijdt, omdat hij geen gebruik kan maken van de voorwaardelijke opties. Deze schade wordt rekening houdend met de gebruikelijke risico's, vastgesteld op de helft van het bedrag van de eerste beursnotering. De kantonrechter ontbindt de arbeidsovereenkomst met een vergoeding van NLG 450.000,-- bruto.

Terug naar overzicht