Kantonrechter Amsterdam 29-08-2002 (Strengers), JAR 2002, 229


Bedrijfsongeval. Beroepsziekte (RSI).

Zie voor de complete uitspraak JAR 2002, 229.

De werkneemster werkt sinds mei 1987 bij de werkgever als schadecorrespondent. De werkzaamheden van de werkneemster bestaan in het afhandelen van dossiers en alle in het kader daarvan voorkomende werkzaamheden, zoals computerwerk, telefoneren en vergaderen. De werkneemster heeft op 14-jarige leeftijd jeugdreuma gehad. In 1992 is zij met succes behandeld voor haar linkerschouder. Zij is rechtshandig. In juli 1998 heeft de werkneemster zich ziek gemeld wegens klachten aan haar linkerpols. In november 1998 is zij weer gaan werken. In juni 1999 is zij weer ziek geworden. Zij ontvangt thans een WAO-uitkering naar een percentage van 35-45%. De werkneemster stelt dat zij last heeft van RSI-klachten als gevolg van haar werkzaamheden bij de werkgever. Zij zou regelmatig teveel computerwerk hebben moeten doen, onder aanzienlijke werkdruk hebben moeten werken en veel overwerk hebben verricht. Zij stelt haar werkgever aansprakelijk voor de geleden en te lijden schade. De werkgever betwist (a) dat de werkneemster RSI heeft, (b) dat zij RSI-gevoelig werk deed, (c) dat er causaal verband is tussen het werk en de klachten, en (d) dat hij zijn zorgplicht heeft geschonden. De kantonrechter acht het voldoende aannemelijk dat de werkneemster als gevolg van haar arbeidsongeschiktheid schade lijdt. Aan de hand van het rapport van de Gezondheidsraad concludeert de rechter dat wat RSI genoemd wordt, verschillende oorzaken kan hebben. Daarom valt niet uit te sluiten dat de klachten van de werkneemster (mede) één of meerdere andere oorzaken hebben dan haar werk. De door de werkneemster overgelegde producties verstrekken hierover geen duidelijkheid, nu zij haar medisch dossier niet heeft overgelegd. Het werkplekonderzoek dat is gedaan, dateert van een moment dat de werkneemster de klachten al lang had, terwijl niet vast staat of deze werkplek hetzelfde was als haar vroegere plek. Aan de andere kant is het, gelet op de aard van de klachten van de werkneemster goed mogelijk dat deze door het werk veroorzaakt zijn. De kantonrechter concludeert dat de werkneemster meer informatie over haar ziekte moet verstrekken. De werkgever zal moeten bewijzen dat hij zijn zorgplicht als bedoeld in art. 7:658 BW is nagekomen.

Terug naar overzicht