Kantonrechter Amsterdam 31-05-1999, JAR 1999, 137 (Bäuerle)


Ontbinding gewichtige redenen. Beoordeling ("up or out"-systeem). Schadeloosstelling (C=2).

Zie voor de complete uitspraak JAR 1999, 137.

Een werkgever verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst van een 36-jarige director Business Consulting (acht jaar in dienst, salaris NLG 15.417,-- bruto per maand exclusief emolumenten), omdat de werknemer niet tot partner benoemd zal worden en er sprake is van ernstig disfunctioneren. De werkgever hanteert het zogenaamde "up or out"-systeem op grond waarvan een dienstbetrekking dient te worden beëindigd ingeval er geen promotie naar een volgende rang of naar partnership plaatsvindt. Volgens de werknemer vindt dit systeem geen steun in het arbeidsrecht. De werknemer, die tot het najaar 1998 nog steeds goede beoordelingen had, ontkent zijn disfunctioneren. Hij erkent wel dat er, gezien de houding van de werkgever, geen basis is voor voortzetting van de arbeidsovereenkomst en verzoekt ingeval van ontbinding een vergoeding van NLG 277.506,-- bruto (C=2). De kantonrechter acht het "up or out"-systeem geen rechtsgeldige beëindigingsgrond evenmin het ernstige disfunctioneren, nu de werknemer tot voor kort steeds goed is beoordeeld en hem geen kans is geboden zijn functioneren te verbeteren. Aangezien de werknemer zelf inziet dat voortzetting van de arbeidsovereenkomst niet meer mogelijk is, dient deze te worden ontbonden en wel met een vergoeding zoals door de werknemer is verzocht.

Terug naar overzicht