Kantonrechter Enschede 01-03-2001, 22-06-2001 (De Groot), Prg. 2001, 5728


Afroepovereenkomst. Gezagsverhouding. Ontbinding gewichtige redenen. Ziekte (geen reïntegratieplan overgelegd; werkgever niet-ontvankelijk).

Een werkneemster meldt zich ruim drie weken na aanvang van de arbeidsovereenkomst ziek. De werkgever, die zich op het standpunt stelt dat er sprake is van een nul-urencontract, stopt de loonbetalingen. De kantonrechter overweegt dat er sprake is van een arbeidsovereenkomst en veroordeelt de werkgever tot doorbetaling van loon. De werkgever verzoekt vervolgens ontbinding van de arbeidsovereenkomst zonder een reïntegratieplan over te leggen. De kantonrechter stelt de werkgever bij tussenbeschikking in de gelegenheid schriftelijk te verklaren wanneer de werkneemster is ziek gemeld, welke reïntegratieactiviteiten zijn ontwikkeld en dat de Arbo-dienst een opdracht heeft gekregen een reïntegratieplan op te stellen. Uit de verklaring blijkt dat de werkgever de werkneemster nooit bij de Arbo-dienst heeft aangemeld. Hoewel de Hoge Raad (Red.: onduidelijk is of de kantonrechter doelt op de uitspraak van diezelfde datum, in Van der Kooy/Van der Velden, RvdW 2001, 116, JOL 2001, 388, NJ 2001, 475, JAR 2001, 130) inmiddels heeft geoordeeld dat het ontbreken van een reïntegratieplan de ontvankelijkheid van een werkgever niet altijd in de weg staat, geldt dit alleen voor het geval een redelijke met het doel en de strekking van art. 7:685 lid 1 BW strokende uitleg van deze bepaling zich hiertegen verzet. Deze situatie doet zich hier niet voor. Het ontbreken van het reïntegratieplan is volledig aan de werkgever te wijten en de kantonrechter verklaart hem niet-ontvankelijk

Terug naar overzicht