Kantonrechter Gorinchem 26-08-2004 (Roukema), Prg. 2004, 6299


Ontbinding gewichtige redenen. Anciënniteitsbeginsel.

Een werkgever verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst van een 36-jarige werknemer, 13 jaar in dienst, salaris € 2.675,– bruto per vier weken, op grond van bedrijfseconomische redenen. Gezien de slechte economische situatie heeft de werkgever gemeend dat de slecht functionerende werknemer ontslagen dient te worden. De werknemer betwist zijn disfunctioneren en beroept zich op zijn anciënniteit, onder verwijzing naar het Ontslagbesluit. Hoewel niet gebonden aan het Ontslagbesluit, overweegt de kantonrechter dat hij daar wel rekening mee houdt ingeval van ontbindingsverzoeken om bedrijfseconomische redenen. Voor dergelijke gevallen ligt een ontslagprocedure bij de CWI meer voor de hand. Het kiezen voor een ontbindingsprocedure mag er niet toe leiden dat de waarborgen van het Ontslagbesluit eenvoudig worden omzeild. Of de werkgever genoodzaakt is tot reorganisatie, kan in het midden blijven, temeer daar de werkgever op dit punt een zekere beleidsvrijheid heeft. Dat geldt niet voor het anciënniteitsbeginsel. In bepaalde gevallen kan daarvan worden afgeweken, doch niet ingeval van disfunctioneren. Aangezien van de negen werknemers, de werknemer het op één na langst in dienst is, zal een andere werknemer moeten worden ontslagen. Niet aannemelijk is dat de werknemer zodanig disfunctioneerde dat zijn arbeidsovereenkomst moet worden ontbonden. De kantonrechter wijst het verzoek af, temeer daar er geen sprake is van een verstoorde arbeidsrelatie.

Terug naar overzicht