Kantonrechter Groningen 30-05-2002 (Sijm), JAR 2002, 141


Aansprakelijkheid werkgever (op grond van art. 7:611 BW). Bedrijfsongeval (aan boord van een schip). Verjaring.

Zie voor de complete uitspraak JAR 2002, 141.

De werknemer, matroos, is bij het uitrollen van dekzeilen op het schip waarop hij werkte, gestruikeld, vier meter naar beneden met zijn hoofd op het ijs gevallen, en daarbij dodelijk gewond geraakt. De weduwe van de werknemer stelt de werkgever aansprakelijk voor de door haar twee kinderen geleden schade. Zij stelt daartoe dat de werkgever zijn zorgplicht als bedoeld in art. 3a en b Arbo-wet heeft verzaakt en beroept zich verder op schending van art. 7:611 BW. Art. 7:658 BW is uitgesloten voor zeevarenden. De werkgever stelt dat de aanvaringsbepalingen van boek 8 BW, in het bijzonder art. 8:541 BW, van toepassing zijn en dat een vordering op grond daarvan verjaard is (na twee jaar). De kantonrechter is met de werkgever van oordeel dat op onderhavig geval art. 8:541 BW van toepassing is. Dit artikel geldt in alle gevallen dat een schip schade veroorzaakt, ook indien de schade is veroorzaakt door een fout van een zich aan boord bevindend persoon. Dit betekent dat een vordering uit onrechtmatige daad wegens schending van de Arbo-wet niet mogelijk is, omdat art. 8:541 BW als lex specialis prevaleert. Een vordering op grond van art. 8:541 BW zelf is inmiddels verjaard. De weduwe van de werknemer heeft zich bij conclusie van repliek echter beroepen op art. 7:611 BW. Dit artikel is, in tegenstelling tot art. 7:658 BW, niet uitgesloten voor de arbeidsrelatie van de zeevarende. In haar vordering gebaseerd op art. 7:611 BW is de weduwe van de werknemer daarom ontvankelijk. De verjaringstermijn van vijf jaar heeft zij tijdig gestuit. De vordering ex art. 7:611 BW moet in dit geval worden beoordeeld naar de norm van art. 7:658 BW. Dat leidt tot de conclusie dat de werkgever is tekortgeschoten in zijn verplichtingen. Gebleken is dat de werknemer op een glad dek een glad kleed moest uitrollen en dat er geen bescherming was, bijvoorbeeld een beschermingslijn, die hem bij het uitglijden had kunnen tegenhouden, zodat hij niet naar beneden was gevallen. De werkgever moet daarom de schade van de kinderen vergoeden. De precieze hoogte daarvan moet nog nader vastgesteld worden.

Terug naar overzicht