Kantonrechter Haarlem 15-03-2001 (Veenhof), JAR 2001, 103


Ziekte. Ontslag op staande voet; (voorwaardelijke). Ontbinding gewichtige redenen (indienen reïntegratieplan na ontbindingsverzoek). Schadeloosstelling (geen).

Zie voor de complete uitspraak JAR 2001, 103.

Een 42-jarige werknemer (een jaar in dienst, salaris NLG 4.500,-- bruto per maand) heeft zich op 17 januari 2001 ziek gemeld. De Arbo-dienst heeft een spoedcontrole uitgevoerd, doch heeft de werknemer niet thuis aangetroffen. De werkgever heeft de werknemer daarop gesommeerd zich op 22 januari 2001 op het werk te melden. Toen de werknemer niet verscheen, heeft de werkgever hem op staande voet ontslagen. Op 23 januari 2001 heeft hij een verzoekschrift tot voorwaardelijke ontbinding van de arbeidsovereenkomst ingediend. Bij het verzoekschrift is geen getoetst reïntegratieplan overgelegd omdat de werkgever meende de arbeidsongeschiktheid van de werknemer niet te kunnen controleren nu hij niet thuis was aangetroffen. Op 25 januari 2001 vernam hij evenwel van de Arbo-dienst dat deze op een onjuist adres had gecontroleerd, dit ondanks het feit dat de werkgever het juiste adres had opgegeven. Bij een volgende controle bleek dat de werknemer inderdaad arbeidson- geschikt was. De werkgever heeft toen alsnog een reïntegratieplan opgesteld en laten toetsen en dit daags voor de zitting aan het kantongerecht toegestuurd. De kantonrechter acht de werkgever ontvankelijk in zijn ontbindingsverzoek ondanks het feit dat bij het ontbindingsverzoek (aanvankelijk) geen reïntegratieplan was gevoerd. Dit kan de werkgever niet worden aangerekend, nu de Arbo-dienst, ondanks de juiste opgave door de werkgever, van een onjuist adres van de werknemer is uitgegaan. De kantonrechter ontbindt vervolgens de arbeidsovereenkomst zonder toekenning van een vergoeding vanwege het feit dat de werknemer niet wil meewerken aan de inbouw van een fiscaalbox in zijn lease-auto en de auto ook niet van een reclametekst wil laten voorzien

Verder lezen
Terug naar overzicht