Kantonrechter Hilversum 20-03-2002 (Van Hees), JAR 2002, 84


Gefixeerde schadevergoeding. Goed werkgeverschap. Opzegging (vóór aanvang arbeidsovereenkomst). Proeftijd (in arbeidsvoorwaarden op cd-rom).

Zie voor de complete uitspraak JAR 2002, 84.

Partijen zijn in november 2001 overeengekomen dat de werknemer per 1 januari 2002 voor onbepaalde tijd bij de werkgever in dienst zou treden. In de arbeidsovereenkomst is bepaald dat de regelingen "Arbeidsvoorwaarden Inter Flex" van toepassing zijn. Deze arbeidsvoorwaarden zijn vastgelegd op een cd-rom die tegelijk met het arbeidscontract aan de werknemer is toegezonden. Art. 1.6.1 van deze arbeidsvoorwaarden houdt in dat bij een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd een proeftijd van twee maanden geldt. Op 28 december 2001 heeft de werkgever aan de werknemer meegedeeld niet met hem in zee te willen gaan omdat er geen werk voor hem was. De werknemer heeft daarop gesteld dat geen rechtsgeldige proeftijd is overeengekomen, nu met de cd-rom niet is voldaan aan het schriftelijkheidsvereiste van art. 7:652 BW. Indien de proeftijd toch geldig zou zijn, heeft de werkgever hier naar de mening van de werknemer misbruik van gemaakt en is hij daardoor schadeplichtig geworden. De kantonrechter is van mening dat het proeftijdbeding geldig is. In het arbeidscontract zijn de "arbeidsvoorwaarden Inter Flex" van toepassing verklaard. Die voorwaarden zijn aan de werknemer met het contract meegezonden op cd-rom. Aangenomen mag worden dat de werknemer die cd-rom heeft kunnen openen, lezen en desgewenst uitprinten. Daarmee is aan het schriftelijkheidsvereiste voldaan. De kantonrechter is wel van oordeel dat de werkgever schadeplichtig is wegens schending van het goed werkgeverschap. Nadat partijen ruim voor de aanvang van de arbeidsovereenkomst het contract hadden getekend en vervolgens regelmatig contact hebben gehad over de praktische uitwerking ervan, heeft de werkgever in een heel laat stadium aan de werknemer de opzegging voorafgaand aan het dienstverband meegedeeld. De reden van de opzegging was uitsluitend in omstandigheden aan de zijde van de werkgever gelegen. In die situatie is het in strijd met goed werkgeverschap om geen schadevergoeding aan te bieden. Overigens heeft de werkgever dit wel gedaan, maar was zijn aanbod volgens de werknemer niet redelijk. Naar het oordeel van de kantonrechter behoort de werkgever de schade wegens sollicitatiekosten en de inkomensschade te vergoeden. Deze laatste wordt vooralsnog begroot op twee netto maandsalarissen en autokosten. De totale vergoeding bedraagt dan € 4.962,54. Voor een vergoeding van immateriële schade acht de rechter geen plaats.

Terug naar overzicht