Kantonrechter Lelystad 01-02-1999, JAR 1999, 64 (Telenga)


Ontbinding gewichtige redenen verzoek werknemer. Schadeloosstelling. Outplacement. Ziekte (situationele arbeidsongeschiktheid).

Zie voor de complete uitspraak JAR 1999, 64.

Een 47-jarige situationeel arbeidsongeschikte projectmanager, één jaar in dienst, salaris NLG 8.585,-- bruto per maand, verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van een verstoorde arbeidsverhouding. De via een headhunter in dienst getreden werkneemster is tijdens de sollicitatieprocedure niet geïnformeerd over een op handen zijnde fusie, als gevolg waarvan de vestiging waar werkneemster werkt, wordt opgeheven. De werkneemster meent dat de werkgever onzorgvuldig heeft gehandeld en verzoekt, rekeninghoudend met de vijf dienstjaren bij haar vorige werkgever, een vergoeding van NLG 149.802,-- en NLG 30.000,-- kosten outplacement. De kantonrechter is van oordeel dat de arbeidsovereenkomst moet worden ontbonden op grond van de verstoorde arbeidsrelatie. Het komt de kantonrechter niet aannemelijk voor dat er gedurende de sollicitatieprocedure geen sprake was van fusieplannen, omdat deze plannen al vier dagen na indiensttreding van de werkneemster bekend werden gemaakt. Door de werkneemster niet op de hoogte stellen van de toekomstplannen, heeft de werkgever onzorgvuldig gehandeld. Ook de opheffing van de vestiging van tewerkstelling is onzorgvuldig omdat de werkgever eerst had gesteld de eerste vier jaar na de fusie vanuit twee vestigingen de activiteiten voort te zetten. De noodzaak tot ontbinding is derhalve niet de werkneemster toe te rekenen en de verzochte vergoeding, rekeninghoudend met het aantal dienstjaren bij de vorige werkgever, is billijk. De kantonrechter ontbindt de arbeidsovereenkomst met een vergoeding van NLG 149.802,-- bruto en NLG 10.000,-- kosten outplacement en NLG 1.000,-- buitengerechtelijke kosten.

Verder lezen
Terug naar overzicht