Kantonrechter Lelystad 02-10-2002 (Schoevaars), Prg. 2002, 5960


Goed werkgeverschap. Ontbinding gewichtige redenen. Schadeloosstelling (geen).

Een werkgever verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst van een 43-jarige vestigingschef (25 jaar in dienst, salaris € 2.283,27 bruto per maand), primair op grond van frauduleus handelen en subsidiair op grond van een verstoorde arbeidsverhouding. De kantonrechter overweegt dat de werknemer de fraude betwist zodat deze in deze procedure niet vastgesteld kan worden en dus de arbeidsovereenkomst niet kan worden ontbonden op grond van een dringende reden. Dit is anders ten aanzien van de subsidiaire grond. De kantonrechter is van oordeel dat de werknemer onzorgvuldig heeft gehandeld door twee afzonderlijke olieverversingen zonder bon te laten betalen, door een zeer hoge korting aan een klant op de bon van een andere klant te schrijven en door een uitlaatreparatie niet te factureren. Dit onzorgvuldige handelen is de oorzaak van de vertrouwensbreuk, die de werknemer persoonlijk is te verwijten. Er is geen sprake geweest van slecht werkgeverschap. De werkgever heeft eerst onderzoek laten doen naar fraude en vervolgens de werknemer daarmee geconfronteerd. Dat de werknemer, geconfronteerd met de verdenking van fraude, zich daarbij in het nauw gedreven voelt, is onvermijdelijk. Dat wil echter niet zeggen dat er sprake is geweest van onevenredige druk. De kantonrechter ontbindt de arbeidsovereenkomst zonder vergoeding.

Terug naar overzicht