Kantonrechter Lelystad 08-08-2001, 16-01-2002 (Los), Prg. 2002, 5830


Bepaalde tijd. Gefixeerde schadevergoeding. Loon. Ziekte.

Tijdens een beoordelingsgesprek (19 september 2000) wordt de werkneemster (groepsleidster, salaris NLG 1.929,19 bruto per maand) medegedeeld dat haar één keer verlengde arbeidsovereenkomst van een half jaar (tot 6 oktober 2000) niet wederom verlengd zal worden. De werkneemster verlaat daarop het werk en meldt zich ziek. De werkgever beschouwt haar afwezigheid als onbetaald verlof, stellende dat de werkneemster zich niet beschikbaar heeft gehouden voor het verrichten van arbeid en de arbeidsovereenkomst op 5 oktober van rechtswege is geëindigd. Als desondanks het salaris over de maanden september en oktober worden betaald, vordert de werkgever terugbetaling van het teveel betaalde (NLG 1.332,77 netto). De werkneemster stelt zich op het standpunt dat zij ziek was en er dus geen sprake is van onbetaald verlof tot het einde van de arbeidsovereenkomst. Bovendien is de arbeidsovereenkomst niet van rechtswege afgelopen, dus is er sprake van onregelmatige opzegging. De werkneemster berust in de opzegging en vordert in reconventie de gefixeerde schadevergoeding over de periode van 6 oktober tot 1 december 2000 (de opzegtermijn is twee maanden). De kantonrechter draagt de werkneemster, die bewijsopdracht heeft aangeboden, op te bewijzen dat zij door ziekte verhinderd was te werken. Met betrekking tot de beëindiging van de arbeidsovereenkomst overweegt de kantonrechter dat de verlengde arbeidsovereenkomst van rechtswege is geëindigd tenzij partijen tussentijds verlenging overeengekomen zijn. In het verslag van een gesprek dat op 11 juli plaatsvond, staat wel dat de arbeidsovereenkomst zou worden verlengd doch niet de door de werkgever gestelde voorwaarde van beter functioneren. De werkgever wordt opgedragen te bewijzen dat dit voorbehoud is gemaakt. De kantonrechter acht de werkneemster geslaagd in het bewijs dat zij door ziekte verhinderd was te werken. Zij had derhalve recht op loon vanaf 20 september tot 6 oktober. De kantonrechter acht voorts de werkgever niet geslaagd in het bewijs dat de verlenging onder voorbehoud is overeengekomen. Dit betekent dat de arbeidsovereenkomst onregelmatig is opgezegd en dat de werkneemster recht heeft op de gefixeerde schadevergoeding (NLG 2.211,17 bruto). De kantonrechter wijst de vordering van de werkgever af en die van de werkneemster toe, vermeerderd met de wettelijke rente.

Terug naar overzicht