Kantonrechter Maastricht 03-04-2000 (Verheezen), Prg. 2000, 5509


Ontbinding gewichtige redenen verzoek werknemer. Ziekte. Goed werkgeverschap. Beoordeling. Habe nichts exceptie.

Nadat een administrateur, 36 jaar oud, negen jaar in dienst, salaris NLG 8.262,-- bruto per maand (voor het eerst) kritiek krijgt op zijn functioneren en gewaarschuwd wordt dat hij bij verbetering niet te handhaven is en reeds een deel van zijn werk moet overdragen, meldt hij zich ziek. Wanneer de werkgever hem uitnodigt voor een gesprek weigert de werkgever een gesprek te voeren in aanwezigheid van de advocaat van de werknemer, omdat het slechts zou gaan om een verkennend gesprek in het kader van reïntegratie. Na enige correspondentie daarover staakt de werkgever de loonbetaling. Een voorlopige voorziening tot doorbetaling van loon wordt toegewezen, waarop een bodemprocedure volgt. De werknemer verzoekt ontbinding wegens verstoorde verhouding. De werkgever is naar de mening van de werknemer bezig geweest met dossieropbouw en is ook na de voorlopige voorzieningsuitspraak weigerachtig gebleven tot een gesprek in het bijzijn van de advocaat van de werknemer. De werkgever vindt dat er niets aan de hand is en de werknemer na herstel gewoon kan terugkeren. De kantonrechter ontbindt, nu de werknemer uitdrukkelijk heeft gesteld dat hij alle vertrouwen in de werkgever heeft verloren, zodat een verdere vruchtbare voortzetting van het dienstverband niet meer mogelijk is. Met betrekking tot de vergoeding rekent de kantonrechter de werkgever aan dat een gesprek in bijzijn van de advocaat van de werknemer is geweigerd. Voorts neemt de kantonrechter in aanmerking dat de werknemer enkele jaren daarvoor vrijwillig heeft afgezien van 25% van zijn salaris en een deel van zijn aanspraak op tantième wegens de slechte financiële situatie van het bedrijf. De kantonrechter kent een vergoeding toe van NLG 150.000,-- bruto.

Terug naar overzicht