Kantonrechter Rotterdam 14-04-2003 (Sap), JAR 2003, 121


Ontbinding gewichtige redenen.

Zie voor de complete uitspraak JAR 2003, 121.

De werkgever, het Algemeen Dagblad, verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst van een columniste, die sinds 25 jaar bij het AD in dienst is. Daartoe voert het AD aan dat de werkneemster door de krant geweigerde columns heeft geplaatst op de website van Theo van Gogh en daarmee in strijd heeft gehandeld met de CAO en inbreuk heeft gemaakt op het aan het AD toekomende auteursrecht. Ook heeft de werkneemster een vertrouwelijk memorandum van de hoofdredacteur aan de redactie van het AD op deze website geplaatst. Verder zou de werkneemster van plan zijn geweest om tijdens de uitreiking van een prijs met een taart te gooien en zou dit alleen niet zijn gebeurd omdat de taart door de beveiliging is gevonden en de werkneemster de toegang is geweigerd. Tot slot heeft het AD kritiek op het grove taalgebruik van de werkneemster. De werkneemster betwist dat zij de taart had willen gooien. Verder vindt zij dat het AD ten onrechte de inhoud van haar columns wil wijzigen. Zij betwist dat zij geen stukken op internet zou mogen zetten. De kantonrechter stelt vast dat sprake is van een lang dienstverband en dat de incidenten die aanleiding hebben gegeven tot het ontbindingsverzoek binnen een relatief korte periode hebben plaatsgevonden. Naar het oordeel van de kantonrechter vormen deze gebeurtenissen onvoldoende grond voor toewijzing van het ontbindingsverzoek. Daartoe overweegt de kantonrechter dat de werkneemster in het kader van de uitoefening van haar functie een grote mate van vrijheid heeft om haar persoonlijke mening publiekelijk te ventileren. Dit is ook door het AD erkend. Het onverbloemde taalgebruik dat de werkneemster bezigt, is ook jarenlang door het AD geaccepteerd. Het AD heeft in deze situatie eenzijdig verandering gebracht door columns te weigeren of wijzigen, zonder duidelijk te maken welke criteria zij daarbij hanteert. Het AD heeft daarover ook niet of te weinig overleg gepleegd met de werkneemster. Een klacht van de werkneemster hierover is grotendeels onbeantwoord gebleven. Deze handelwijze is aan het AD toe te rekenen. De kantonrechter is voorts van oordeel dat de werkneemster niet in strijd met de CAO heeft gehandeld, nu zich niet één van de gronden voordoet waarop het AD publicatie van een column elders kan tegenhouden. Van schending van het auteursrecht van het AD is geen sprake. Met betrekking tot het memo overweegt de kantonrechter dat niet is gebleken dat de plaatsing daarvan op internet ontoelaatbaar was. Het AD heeft bovendien zelf aangegeven dat de werkneemster niet om deze reden ontslagen zal worden. Tenslotte is niet komen vast te staan dat de werkneemster daadwerkelijk met een taart wilde gooien. Het AD heeft ook geen behoorlijk onderzoek hiernaar gedaan. Een en ander neemt niet weg dat ook de werkneemster zich onverzoenlijk heeft opgesteld en meer oog…

Verder lezen
Terug naar overzicht