Kantonrechter 's-Gravenhage 12-04-2000 (Lippmann), JAR 2000, 107


Loon. Ziekte (keuring bedrijfsarts). Wettelijke verhoging.

Zie voor de complete uitspraak JAR 2000, 107.

Een docent kerkorgel, 18 jaar in dienst bij een geprivatiseerde stichting, wordt na een jaar ziekte volledig arbeidsongeschikt geacht. Een jaar later wordt de WAO-uitkering ingetrokken omdat de werknemer voor minder dan 15% arbeidsongeschikt is. Twee weken na de beslissing van het Lisv verklaart de bedrijfsarts van de werkgever de werknemer volledig arbeidsongeschikt. Een half jaar later trekt het Lisv de eerdere beslissing in en verklaart de werknemer met terugwerkende kracht volledig arbeidsongeschikt. Het bezwaar van de werknemer tegen de beslissing van de bedrijfsarts wordt door de bezwarencommissie ongegrond verklaard. De werknemer vordert vervolgens dat de korting op zijn salaris met 20% vanwege ziekte ongedaan wordt gemaakt. De kantonrechter acht het in redelijkheid onaanvaardbaar dat de bedrijfsarts van de werkgever, zijn beslissing, gegeven in dezelfde maand dat het Lisv de werknemer volledig arbeidsgeschikt heeft verklaard, op geen enkele manier heeft onderbouwd. Dit geldt tevens het oordeel van de bezwarencommissie. Ook het Lisv heeft het terugdraaien van de intrekkingsbeslissing onvoldoende gemotiveerd en had niet mogen uitgaan van de juistheid van de beslissing van de bedrijfsarts van de werkgever. De werkgever heeft dan ook op geen enkele wijze aannemelijk gemaakt dat de werknemer volledig arbeidsongeschikt is gebleven en was niet gerechtigd een maandelijkse korting van 20% toe te passen. De kantonrechter wijst de vordering toe met matiging van de wettelijke verhoging tot 10%.

Verder lezen
Terug naar overzicht