Kantonrechter Utrecht 04-09-2002 (Breedveld), Prg. 2002, 5942, JAR 2002, 220


Aansprakelijkheid werkgever. Bedrijfsongeval.

Zie voor de complete uitspraak JAR 2002, 220.

De werknemer is sinds 1970 bij de NS in dienst als treinmachinist. Nadat hij voor de negende keer in zijn loopbaan was geconfronteerd met een zelfdoding terwijl hij de trein bestuurde, heeft hij zich in juli 2000 met ernstige psychische klachten ziek gemeld. Hij heeft daarna niet meer gewerkt. De werknemer vordert een verklaring voor recht dat de NS ex art. 7:658 BW aansprakelijk is voor de schade die hij lijdt als gevolg van het meemaken van de traumatische gebeurtenissen. Hij stelt dat hem niet tijdig adequate psychologische begeleiding is geboden. Alleen na het laatste ongeval zou hij enige begeleiding hebben gehad. Het beleid van de NS was dat men zo snel mogelijk de draad weer moest oppakken. De NS stelt dat zij geen norm heeft geschonden, dat zij de schade niet had kunnen voorkomen en dat art. 7:658 BW niet van toepassing is. De kantonrechter stelt vast dat het vóórkomen van zelfdodingen de NS niet kan worden aangerekend. Waar het om gaat is evenwel of de NS de werknemer voldoende laagdrempelige psychologische opvang heeft geboden na de ongevallen. Vaststaat dat de NS die vroeger niet gaf, maar heden ten dage wel. Met betrekking tot de toepasselijkheid van art. 7:658 BW merkt de kantonrechter op dat de ratio van dit artikel niet is gelegen in het fysieke van de aantasting van de werknemer, maar in de omstandigheid dat de werkgever bepaalt op welke plaats, onder welke omstandigheden en met welke hulpmiddelen de werknemer moet werken. Dit is bij psychisch letsel niet anders dan bij lichamelijk letsel. Uit het arrest Chubb Lips/Jansen (HR 30-01-1998, RvdW 1998, 34, NJ 1998, 476, JAR 1998, 82, Rechtspraakoverzicht Arbeidsrecht 1998, blz. 92) kan niet worden afgeleid dat op de voet van art. 7:658 BW nimmer vergoeding van schade door psychisch letsel kan worden gevorderd. In die zaak ging het om psychisch letsel als gevolg van geenszins uitzonderlijke omstandigheden. In onderhavige zaak heeft de werknemer te maken gehad met suïcides op een wijze die uniek is en volstrekt inherent aan zijn functie. Vaststaat verder dat hij schade heeft geleden in de uitoefening van de werkzaamheden. Met betrekking tot de door NS geschonden norm overweegt de kantonrechter dat nagegaan zal moeten worden wat in de wetenschap bekend is omtrent de effecten van psychologische hulp en begeleiding van mensen die indringend geconfronteerd worden met potentieel traumatiserende gebeurtenissen. Benoeming van een deskundige die hierover kan rapporteren, ligt in de rede. Verder is van belang welke concrete kennis de NS had over dit soort werknemersschade. Het is aan de NS om zich hierover uit te…

Verder lezen
Terug naar overzicht