Kantonrechter Utrecht 07-04-1999, JAR 1999, 83 (Staal)


Ontbinding gewichtige redenen. Ziekte (situatieve arbeidsongeschiktheid; geen reïntegratieplan overgelegd).

Zie voor de complete uitspraak JAR 1999, 83.

Een nachtchauffeur, twee jaar in dienst, salaris NLG 3.000,-- bruto per maand wordt daags na zijn ziekmelding op non-actief gesteld omdat hij weigert informatie te verschaffen over ritten en brandstoffen. De werkgever verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van een verstoorde arbeidsverhouding. De werknemer erkent de verstoring en verlangt een vergoeding op basis van de kantonrechtersformule en salaris over de opzegtermijn. De kantonrechter overweegt dat nu het gaat om een zieke werknemer en er geen reïntegratieplan, als bedoeld in art. 71a WAO is overgelegd, de werkgever op grond van het dwingende vereiste ex. art. 7:685 BW niet ontvankelijk moet worden verklaard. Onder verwijzing naar de uitspraak van de kantonrechter Tiel (10-02-1999, JAR 1999, 53, zie blz.) bepleiten beide partijen uitzondering op dit vereiste, stellende dat reïntegratie niet mogelijk is. De kantonrechter overweegt dat volgens de wetsgeschiedenis geen steun is te vinden voor deze uitzondering. Reden van een reïntegratieplan is volgens de minister, de kantonrechter in staat te stellen de door het Lisv getoetste mogelijkheid tot reïntegratie te laten meewegen in de beoordeling van het ontbindingsverzoek. De bepleitte uitzonderingen zijn steeds door de regering van de hand gewezen. Ook in het geval van situationele arbeidsongeschiktheid heeft de regering vastgehouden aan een reïntegratieplan. Nu het hier gaat om zeer recente wetsgeschiedenis, vindt de kantonrechter dat hij niet vrij is de bepleitte uitzondering te aanvaarden. Dit zou slechts anders kunnen zijn indien het onder bepaalde omstandigheden in strijd met de redelijkheid en billijkheid zou zijn partijen aan de wetsbepaling te houden. De kantonrechter verklaart de werkgever niet ontvankelijk.

Terug naar overzicht