Kantonrechter Utrecht 20-11-2000 (De Laat), JAR 2001, 7


Ontslag op staande voet; (voorwaardelijke). Ontbinding gewichtige redenen (dringende reden: porno per e-mail).

Zie voor de complete uitspraak JAR 2001, 7.

De werkgever heeft de werknemer (34 jaar, 14 jaar in dienst, salaris NLG 4.319,-- bruto per maand) op staande voet ontslagen omdat deze een e-mail aan een collega had verzonden met daaraan gehecht een attachment die door de werkgever als pornografisch, onfatsoenlijk en niet het zakelijk verkeer dienend werd beschouwd. De werknemer was eerder, middels een aan iedereen verzonden bericht op 19 mei 2000, gewaarschuwd dat alle werknemers toen nog de gelegenheid hadden om onfatsoenlijke plaatjes van de computer te halen. De werkgever verzoekt thans voorwaardelijk ontbinding op grond van een dringende reden. De kantonrechter wijst het verzoek toe. Daartoe overweegt de rechter dat de werkgever voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het personeel meerdere malen is meegedeeld dat de werkgever niet kan en wil accepteren dat werknemers tijdens werktijd pornografie per e-mail of anderszins versturen. Ook indien de werknemer de e-mail van 19 mei 2000 niet zou hebben ontvangen, was hij voldoende van dit beleid op de hoogte. De kantonrechter acht het voorts aannemelijk dat de door de werknemer verzonden en als pornografie aan te duiden smakeloze plaatjes aan meer dan één persoon zijn verstuurd en dat deze personen daarvan niet gediend waren. Uit de door de werknemer verzonden boodschap blijkt duidelijk dat hij zich ervan bewust is geweest dat hij pornografische plaatjes doorzond. De werkgever mocht deze handelwijze van de werknemer opvatten als een handeling ten gevolge waarvan hij het dienstverband niet langer wilde en kon handhaven en derhalve als een dringende reden

Terug naar overzicht