Kantonrechter Wageningen 10-04-2002 (Misdorp), Prg. 2002, 5885


Concurrentiebeding (geheimhoudingsbeding).

Twee werknemers met een commerciële functie zeggen hun arbeidsovereenkomst op met instemming van de werkgever en treden vervolgens in dienst bij een concurrent. Een van de werknemers laat een aantal relaties van de ex-werkgever weten dat zij inmiddels in dienst zijn bij deze concurrent. De ex-werkgever sommeert de werknemers om benadering van klanten te staken en een lijst met de reeds benaderde klanten te verstrekken. De werknemer die de relaties heeft benaderd bericht de werkgever dat hij de benadering van klanten in de toekomst zal staken. De werkgever vordert vervolgens op grond van schending van de geheimhoudingsplicht een verbod tot het benaderen van zijn relaties en een gebod tot het verstrekken van de lijst met de reeds benaderde relaties. De kantonrechter stelt dat niet is komen vast te staan dat een van de werknemers klanten van de ex-werkgever heeft benaderd. De brieven van de andere werknemer zijn weliswaar minder gelukkig doch het waren er niet meer dan zes. Gezien de toezegging van deze werknemer de benadering van de relaties te staken, valt thans het spoedeisend belang van de ex-werkgever niet in te zien, zodat de vordering tot het verstrekken van de lijst moet worden afgewezen. Eveneens is niet komen vast te staan dat de werknemer de relaties met concurrerende aanbiedingen heeft benaderd. Bovendien is er een verschil tussen een geheimhoudingsbeding en een concurrentiebeding. Niet gebleken is dat de werknemers vertrouwelijke informatie hebben doorgegeven. Daarnaast biedt de tekst van het geheimhoudingsbeding onvoldoende aanknopingspunten om te kunnen concluderen dat het hier gaat om een concurrentiebeding. Ook is het beding te ruim qua tijdsduur, qua geografische omvang en qua begrip relatie. De kantonrechter wijst de vorderingen af.

Verder lezen
Terug naar overzicht