Kantonrechter Zaandam 08-01-1999, NJ 1999, 408 (Visser)


Ontbinding gewichtige redenen (reorganisatie). Gelijke behandeling (leeftijdsdiscriminatie).

Een werkgever verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst van een 56-jarige werknemer, meer dan 31 jaar in dienst, omdat zijn werkzaamheden grotendeels zijn vervallen als gevolg van reorganisatie en er geen ander passend werk meer voor hem is. De werkgever is van mening dat de werknemer zo zeer is vastgeroest binnen de organisatie, dat hij de noodzakelijke veranderingen niet zal kunnen bijbenen. De werknemer is het hier niet mee eens en stelt dat de werkelijke reden voor zijn ontslag zijn leeftijd is. Hij acht dit discriminerend en verzoekt in geval van ontbinding een vergoeding op grond van de kantonrechtersformule mede gezien de onzorgvuldige wijze waarop de werkgever de plannen binnen het bedrijf bekend heeft gemaakt. De kantonrechter is met de werknemer van mening dat zijn leeftijd kennelijk het overwegende motief voor de verzochte ontbinding is. Het gaat hier om een werknemer met een langdurige en vlekkeloze staat van dienst, en er is niets aan te merken op zijn functioneren. Bovendien is niet gebleken dat zijn werkplek feitelijk is komen te vervallen of dat er elders geen passend werk gevonden kan worden. Uit niets blijkt dat de werknemer is vastgeroest of dat hij zich niet wil of kan aanpassen aan de nieuwe situatie. De kantonrechter wijst het verzoek af, doch waarschuwt de werknemer dat hij moet beseffen dat er heden ten dage van mensen in zijn positie en met zijn salaris enorm veel wordt verwacht en dat hij zijn leeftijd niet mag aanvoeren als excuus om niet met de tijd mee te kunnen gaan. De kantonrechter waarschuwt de werkgever er voor te zorgen dat de werknemer niet in een situatie wordt gebracht waarin hij buiten zijn schuld niet meer kan functioneren.

Verder lezen
Terug naar overzicht