NBSTRAF 2017/15, Hoge Raad 06-12-2016, ECLI:NL:HR:2016:2762, 3756.15 (met annotatie van mr. V.J.C. de Bruijn)

Inhoudsindicatie

Eerlijk proces, Ondervragingsrecht

Samenvatting

In de overweging van het Hof dat de verdediging de gelegenheid heeft gehad een getuige op “essentiële onderdelen” te ondervragen “teneinde de betrouwbaarheid van de getuige hetzij de onjuistheid van de verklaring aan te vechten”, ligt als zijn oordeel besloten dat de verdachte ten aanzien van deze getuige een behoorlijke en effectieve gelegenheid heeft gehad tot het stellen van vragen en dat derhalve art. 6 lid 3 aanhef en onder d EVRM niet is geschonden. Dit oordeel getuigt niet van een onjuiste…

Terug naar overzicht