President Rechtbank Almelo 22-11-2000 (Koopmans), RvdW KG 2001, 3


Concurrentie(beding).

Een werkgever die zich bezighoudt met het ontwerpen en verkopen van universele afstandsbedieningen, vordert in kort geding van twee ex-werknemers staking van concurrerende activiteiten. Een van de werknemers is bij uitdiensttreding ontslagen uit zijn concurrentiebeding. Hij begint voor zichzelf met een groothandel in consumentenelektronica, waaronder universele afstandsbedieningen. Zijn collega, voor wie wel een concurrentie- beding geldt, treedt bij hem in dienst als "Geschäftsführer". Dit laatste acht de president onvoldoende om aan te nemen dat de werknemer zich met concurrerende activiteiten bezighoudt. Ten aanzien van de eerste werknemer overweegt de president dat deze zich weliswaar bezighoudt met concurrerende activiteiten doch voor hem geen concurrentie- beding geldt. De vraag of er sprake is van onrechtmatige concurrentie hangt af van de vraag of de werknemer stelselmatig het debiet van zijn ex-werkgever afbreekt door duurzame relaties respectievelijk personeel af te nemen, met behulp van de specifieke kennis die hij bij zijn ex-werkgever heeft opgedaan. Het gaat daarbij niet alleen om technische gegevens maar ook om klantenlijsten, contactgegevens en offertestructuren. De president is van oordeel dat de werkgever onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de werknemer stelselmatig duurzame klanten afneemt respectievelijk stelselmatig personeelsleden werft. Ook kan niet worden vastgesteld dat de werknemer tijdens zijn dienstverband reeds concurrerende activiteiten verrichte. De president wijst de vordering af

Verder lezen
Terug naar overzicht