President Rechtbank Utrecht 10-07-2001 (Den Hartog Jager), RvdW KG 2001, 248


Concurrentiebeding.

Een werknemer met een concurrentiebeding doet tijdens zijn dienstverband specifieke kennis op over de IT-detacheringsbranche. Als de arbeidsovereenkomst is geëindigd, vordert de werknemer in kort geding buitenwerkingstelling dan wel schorsing van het concur- rentiebeding. De president overweegt dat het belang van de werkgever bij handhaving van het concurrentiebeding evident is, gezien de specifieke (hoewel vluchtige) kennis die de werknemer heeft opgedaan. Gezien de vluchtigheid van de kennis en de kortdurende persoonlijke contacten in de IT-branche zal het beperken van de duur van het concurrentiebeding tot een jaar voldoende zijn. Aangezien niet waarschijnlijk is dat de bodemrechter het concurrentiebeding verder zal matigen wijst de president de vordering tot matiging van het concurrentiebeding toe voor de duur van een jaar. Niet aannemelijk is dat de werknemer gedurende dit jaar werkloos zal zijn of aanzienlijk minder zal verdienen. Mocht dit laatste wel het geval zijn dan zal dit in een bodemprocedure moeten worden beoordeeld

Terug naar overzicht