Rechtbank Amsterdam 14-06-2000, NJkort 2000, 65


Directeur. Pensioen. Faillissement (preferentie).

Volgens art. 3:288 sub d BW is in geval van faillissement de pensioenvordering van een werknemer, niet zijnde een directeur preferent. Wanneer iemand als directeur enkele maanden voor de faillissementsdatum is afgetreden als directeur maar als gewoon werknemer in dienst is gebleven, komt uitsluitend aan de pensioenvordering over de periode als gewoon werknemer preferentie toe, maar niet over de periode daarvoor als directeur.

Terug naar overzicht