Rechtbank Rotterdam 08-11-2001, JOR 2002, 51


Directeur (Rechtsgeldigheid ontslagbesluit statutair).

Een statutair directeur wordt buiten de algemene vergadering van aandeelhouders ontslagen. Het besluit wordt de directeur medegedeeld in een gesprek zonder dat hem van tevoren kenbaar is gemaakt dat het gesprek over zijn ontslag zou gaan. De vraag is of deze "overval" het ontslag vernietigbaar maakt. De rechtbank stelt dat dit afhangt van de omstandigheden. Er zijn diverse gesprekken geweest over de op handen zijnde reorganisatie, waarbij de functie van de directeur zou vervallen en er is hem een alternatieve functie aangeboden. De directeur houdt echter onverkort vast aan zijn eigen functie en gaat niet meer in op de uitnodigingen van de werkgever tot een gesprek. Dit heeft geleid tot een verstoring van de arbeidsverhouding die in overwegende mate de directeur te wijten is. De vraag is of de directeur in het "overvalgesprek", indien hij naar behoren was opgeroepen, nog nieuwe gezichtspunten naar voren zou hebben gebracht. De directeur heeft hierover niets gesteld en de rechtbank neemt aan dat hij niets meer naar voren zou hebben gebracht dan hetgeen reeds in eerdere brieven naar voren is gebracht. Onder deze omstandigheden kan niet worden gezegd dat het niet oproepen voor een gesprek maakt dat het ontslag is genomen in strijd met de redelijkheid en billijkheid. De rechtbank wijst de vordering af.

Terug naar overzicht