Sign. - 94. Hof houdt rekening met keuze om minder te gaan werken


Vaststaat dat partijen al geruime tijd voordat zij uiteen zijn gegaan gesproken hebben over de mogelijkheid voor de man om, met het oog op het gezinsleven, minder te gaan werken. De man heeft onbetwist verklaard dat hij na de geboorte van [kind] getracht heeft minder en vanuit huis te werken, hetgeen echter (toen) niet haalbaar bleek te zijn. Voorts heeft de man onbetwist verklaard dat hij in 2009, na tien jaar fulltime vennoot te zijn geweest bij [vennootschap], op grond van zijn vennootschapscontract de mogelijkheid had om zijn urennorm met (maximaal) 20% te verminderen. Zodoende is hij in staat om zijn werkzaamheden voor [vennootschap] te verrichten gedurende vier werkdagen per week en kan hij meer tijd investeren in het contact met zijn kinderen, niet alleen om de reguliere omgang in de weekeinden, maar ook de omgang gedurende de vakanties te realiseren. Daarmee is het volgens het hof onvoldoende aannemelijk dat de man, zoals de vrouw heeft betoogd, zijn urennorm slechts met het oog op de komende echtscheiding heeft bijgesteld.
Het hof acht het niet onredelijk dat de man na tien jaar fulltime vennoot te zijn geweest, onder de gegeven omstandigheden van de mogelijkheid gebruik heeft gemaakt om zijn urennorm naar beneden bij te stellen tot 80% en gaat derhalve bij het berekenen van de draagkracht van de man uit van een vierdaagse werkweek.

(Gerechtshof Amsterdam 15 oktober 2013, ECLI:NL:GHAMS:2013:4991)

Terug naar overzicht