Sign. - Invloed inkomen nieuwe partner op draagkracht, draagkracht stiefouder


Het hof overweegt dat de stiefouder, gelet op het bepaalde in artikel 1:395 BW, verplicht is onderhoud te verstrekken aan de tot zijn gezin behorende kinderen van zijn geregistreerde partner. Op grond van dit artikel zijn zowel de vrouw als haar nieuwe partner draagplichtig voor de zes tot hun gezin behorende kinderen.
Uit de Parlementaire Geschiedenis met betrekking tot artikel 1:395 BW volgt dat als de onderhoudsverplichting van de stiefouder samenvalt met die van de ouder van de kinderen, de verplichtingen ter zake van onderhoud in beginsel van gelijke rang zijn. De omvang van ieders onderhoudsverplichting hangt dan af van de omstandigheden van het geval, waarbij als belangrijke factoren gelden: (1) het gegeven dat tussen de ouder en het kind een nauwere verwantschap bestaat dan tussen de stiefouder en het stiefkind, (2) de draagkracht van de ouder en de stiefouder en (3) de feitelijke verhouding tot ieder van de onderhoudsplichtigen.
Het hof is van oordeel dat, gelet op de onderhoudsverplichtingen van de nieuwe partner van de vrouw tegenover zijn eigen kinderen en de (ruimschoots voldoende) financiële draagkracht van de man in vergelijking tot die van de nieuwe partner van de vrouw, de draagkracht van de nieuwe partner van de vrouw eerst dient te worden aangewend om in de behoefte van zijn eigen kinderen te voorzien en daarna het restant van zijn draagkracht kan worden aangewend ten behoeve van de kinderen van partijen. Het hof neemt hierbij in aanmerking dat indien de draagkracht van de nieuwe partner van de vrouw over zes kinderen moet worden verdeeld, hij voor een groot deel niet in de behoefte van zijn eigen kinderen kan voorzien. …

Terug naar overzicht