Sign. - Kinderontvoeringszaak leent zich niet voor een kort geding


De man, woonachtig in Frankrijk, vordert in kort geding de afgifte van de minderjarige aan hem. De vrouw, woonachtig in Nederland, is vanuit Frankrijk met de minderjarige naar Nederland gereisd. De man stelt dat de vrouw de minderjarige onterecht heeft meegenomen en dat de hoofdverblijfplaats van de minderjarige in Frankrijk is. De man baseert zijn vordering op het Haags Kinderontvoeringsverdrag.
De voorzieningenrechter komt tot het oordeel dat van een spoedeisend belang in casu geen sprake is. De procedure bij de kinderrechter is een procedure waarin op een aanvaardbare termijn een beslissing kan worden gegeven, welke procedure bovendien met veel waarborgen, onder meer ten aanzien van het belang van het kind, is omgeven. Niet is gebleken van bijzondere omstandigheden op grond waarvan de uitkomst van een dergelijke procedure in dit geval niet kan worden afgewacht. Daar komt nog bij dat de feiten en omstandigheden die noodzakelijk zijn om te kunnen beoordelen of het verzoek toewijsbaar is, geenszins tussen partijen vaststaat. Een nader onderzoek naar die feiten en omstandigheden acht de voorzieningenrechter noodzakelijk, maar voor een dergelijk onderzoek leent de procedure in kort geding zich niet.

(Voorzieningenrechter Rechtbank 's-Gravenhage 31 augustus 2012, LJN BX8657)

Terug naar overzicht