Sign. - Nederlands recht van toepassing op nalatenschap vader


Na hun echtscheiding in 2010 twisten M en V onder meer over de vraag of de nalatenschap van de vader van V (in 2002 overleden) in de huwelijksgoederengemeenschap is gevallen. Het geschil spitst zich toe op de vraag welk recht van toepassing is op de nalatenschap van vader. Vader had de Italiaanse nationaliteit en woonde sinds de jaren zeventig in Nederland.
Anders dan V is het hof van oordeel dat de nalatenschap van haar vader wordt beheerst door Nederlands recht. Het hof neemt daartoe de volgende omstandigheden in aanmerking:
1. vader woonde al langer dan het hiervoor genoemde tijdvak in Nederland;
2. vader had hier samen met zijn echtgenote een huis gekocht en had daar ook zijn hoofdverblijf;
3. vader dreef samen met zijn broer in Nederland een onderneming.
Hieraan doet niet af dat V's ouders regelmatig Italië bezochten en daar de school vakanties doorbrachten. Nu de vader niet bij testament over zijn nalatenschap heeft beschikt – en er dus geen sprake is van een uitsluitingsclausule – is zijn nalatenschap in de huwelijksgemeenschap van M en V gevallen. Daaraan doet niet af dat Italiaans recht op de onroerende zaak van de ouders van V in Italië van toepassing is. Immers, in artikel 10:147 BW is bepaald dat indien een erfgenaam in een te vereffenen nalatenschap ten opzichte van een andere erfgenaam wordt benadeeld door de toepassing op een buitenlands gelegen vermogensbestanddeel van een krachtens IPR van het land van ligging aangewezen recht, de goederen, aldus conform dat recht door die andere erfgenaam verkregen, als geldig verkregen worden erkend. De benadeelde erfgenaam kan evenwel vorderen dat bij de vereffening van de…

Terug naar overzicht