Sign. - Ontkenning vaderschap


M en V zijn in Somalië traditioneel gehuwd. De nationaliteit van partijen is onbekend. Vaststaat dat V afkomstig is uit Somalië en in 2008 in Nederland is aangekomen, alwaar haar een verblijfsvergunning asiel bepaalde tijd is verleend. Het huwelijk van partijen is – op basis van een door V afgelegde verklaring ex artikel 36 Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens – geregistreerd. Medio 2011 zijn partijen op traditionele wijze gescheiden. Uit het huwelijk is één kind geboren. V verzoekt de rechtbank haar ontkenning van het vaderschap van M van de minderjarige gegrond te verklaren. Hoewel behoorlijk opgeroepen, is M niet ter terechtzitting verschenen. Nu V in Nederland woont, is de Nederlandse rechter – op grond van artikel 3 Rv – bevoegd van het verzoek kennis te nemen. Op grond van artikel 10:93 lid 1 BW jo. artikel 10:92 lid 1 en 2 BW wordt de vraag of en onder welke voorwaarden het vaderschap van een man kan worden ontkend, bepaald door het recht van de staat van de gemeenschappelijke nationaliteit van de vader en de moeder ten tijde van de geboorte van het kind, of, indien dit ontbreekt, door het recht van de staat van hun gemeenschappelijke gewone verblijfplaats ten tijde van de geboorte van het kind, of, indien ook dit ontbreekt, door het recht van de staat van de gewone verblijfplaats van het kind. Ten aanzien van de nationaliteit van V overweegt de rechtbank dat die in de GBA als onbekend geregistreerd is. Dat gebeurt als een brondocument waaruit de nationaliteit blijkt, ontbreekt. De rechtbank houdt het er, nu M en V beiden uit Somalië afkomstig zijn…

Verder lezen
Terug naar overzicht