Sign. - Toedeling hond en website


M en V zijn in 2010 in gemeenschap van goederen met elkaar gehuwd, welk huwelijk in 2012 is ontbonden door echtscheiding. Partijen hebben de rechtbank verzocht de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap vast te stellen. Over de aansprakelijkheid voor de openstaande schulden, de inboedel en twee van de drie honden zijn partijen het eens.
Partijen zijn het er over eens dat de website zonder verdere verrekening aan V kan worden toebedeeld. De rechtbank beslist daarom dienovereenkomstig.
De rechtbank stelt vast dat hond nummer drie onderdeel uitmaakt van de huwelijksgoederengemeenschap van partijen en dus gezamenlijk eigendom van partijen is. Partijen hebben beiden verzocht de hond toebedeeld te krijgen. De rechtbank overweegt dat in het kader van de belangenafweging, naast het belang van partijen, het belang van de hond in aanmerking genomen dient te worden: de hond is een van partijen afhankelijk levend wezen, voor wiens welzijn partijen – als gezamenlijke eigenaren – verantwoordelijk zijn.
Vaststaat dat de hond inmiddels ruim anderhalf jaar bij de ouders van V verblijft, waar hij goed verzorgd wordt, voldoende ruimte heeft en 'gelukkig is'. De zorg voor de hond kan, gezien het ras, niet aan iedereen worden overgelaten. De ouders van V hebben jarenlange ervaring met dit ras en beschikken over voldoende financiële middelen om de hond de nodige (medische) zorg te geven. V verblijft bij haar ouders, zodat zij dagelijks contact heeft met de hond. Indien de hond aan M wordt toegewezen, kan hij – gezien de beperkte ruimte – niet in de woning van M verblijven. De situatie ten aanzien van de toekomstige huisvestingsmogelijkheden en de daarmee gepaard gaande kosten is onzeker…

Terug naar overzicht