Sign. - Verzoek wijziging echtscheidingsconvenant afgewezen


M heeft wijziging verzocht van het echtscheidingsconvenant, dat deel uitmaakt van de echtscheidingsbeschikking. Het echtscheidingsconvenant bevat een niet-wijzigingsbeding ten aanzien van de partneralimentatie.
Uit de overgelegde stukken en het verhandelde ter zitting is gebleken dat bij het opstellen van het echtscheidingsconvenant – bij de berekening van de draagkracht van M – door de mediator ten onrechte rekening is gehouden met de fiscale bijtelling voor de auto van M. Daar staat tegenover dat is uitgegaan van het (lagere) inkomen van M over 2008 in plaats van 2009. Bovendien zijn de bonussen van M buiten beschouwing gelaten en is M aangemerkt als alleenstaand, terwijl hij ten tijde van de echtscheidingsbeschikking al samenwoonde met zijn nieuwe partner. Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat er geen sprake is van een duidelijke wanverhouding tussen de overeengekomen onderhoudsbijdrage en die waartoe de rechter zou hebben besloten. De rechtbank acht dan ook geen gronden aanwezig om de alimentatieovereenkomst op grond van artikel 1:401 lid 5 BW te wijzigen.
De rechtbank oordeelt voorts dat de door M aangevoerde omstandigheden geen ingrijpende wijzigingen zijn als bedoeld in artikel 1:159 lid 3 BW. De wijziging in zijn gezinssituatie was te voorzien, aangezien M bij het aangaan van de overeenkomst al (bijna) samenwoonde met zijn nieuwe partner en haar kinderen. Het prijsgeven van zijn baan en de aankoop van een woning zijn keuzes van M die voor zijn rekening moeten blijven. Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat M onvoldoende heeft aangevoerd om voorbij te gaan aan het contractuele beding dat zekerheid moet bieden aan partijen. De rechtbank wijst het verzoek van M af.

Terug naar overzicht