Sign. - Wens van kinderen staat niet noodzakelijkerwijs aan terugkeer in de weg


De Britse V is moeder van drie kinderen (A, B en C). De twee oudste kinderen (A en B) hebben dezelfde vader (M). Het jongste kind (C) heeft een andere vader. V en M zijn in 1999 uit elkaar gegaan. In 2001 heeft V samen met A en B Frankrijk verlaten en is in Engeland gaan wonen. Datzelfde jaar is de echtscheiding tussen V en M uitgesproken. De Franse rechtbank heeft bepaald dat V en M gezamenlijk het gezag over A en B zouden uitoefenen. Voorts heeft de Franse rechtbank bepaald dat A en B bij V in Engeland zouden blijven wonen. Ten aanzien van M is een omgangsregeling vastgesteld. In 2008 gaan A en B gedurende de kerstperiode bij M in Frankrijk op bezoek. Op het moment dat zij dienen terug te keren, gaat M naar het politiebureau, waar hij meldt dat de kinderen niet meer naar Engeland terug willen. In 2009 bepaalt de Franse rechter dat A en B (respectievelijk 16 en 14 jaar oud) bij M dienen te blijven wonen, aangezien zij hebben aangegeven ongelukkig te zijn. Datzelfde jaar oordeelt het Franse gerechtshof, op verzoek van V, dat A en B naar Engeland dienen terug te keren. V dient vervolgens een verzoek in bij de Engelse Centrale Autoriteit om haar kinderen terug naar Engeland te begeleiden. Dit verzoek wordt doorgeleid naar de Franse Centrale Autoriteit. In 2009 vindt een begeleide ontmoeting tussen V en A en B plaats. Die ontmoeting kent een desastreus verloop: B valt zijn moeder fysiek aan en A weigert V te ontmoeten. In 2010 delen de…

Terug naar overzicht