Swipe to the left

De wet voor vergoeding van affectieschade komt eraan!

Print
De wet voor vergoeding van affectieschade komt eraan!

Met ingang van 1 januari 2019 kent het Nederlandse recht de mogelijkheid om vergoeding van affectieschade te krijgen. De Eerste Kamer heeft op 10 april 2018 het wetsvoorstel vergoeding affectieschade aangenomen, na een eerdere afwijzing in 2010. De angst was acht jaar geleden dat hierdoor een claimcultuur zou ontstaan, zoals in de Verenigde Staten. Dat bezwaar speelt nu minder mee, omdat de hoogte van het smartengeld is afgebakend, evenals de kring van mensen die hiervoor in aanmerking komen. In Europees verband bezien sluit Nederland zich hiermee aan bij nagenoeg alle andere landen. In bijna alle andere Europese landen was er al een regeling voor affectieschade.

De vorm en mate waarin het smartengeld wordt toegekend verschilt echter. Sommige landen kennen alleen een vergoeding toe aan nabestaanden, indien het slachtoffer is overleden (lees: Verenigd Koninkrijk, Finland, Hongarije, Noorwegen, Polen, Portugal, Tsjechië, Turkije, Zweden). Scandinavië en Oostenrijk kennen alleen smartengeld voor naasten toe indien sprake is van opzettelijk handelen of grove schuld/nalatigheid van de dader. In Nederland zal de wet de mogelijkheid bieden om affectieschade zowel toe te kennen bij ernstig letsel als overlijden, hiermee volgt zij de volgende landen: België, Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië, Luxemburg, Oostenrijk, Spanje en Zwitserland. Wat betreft de hoogte van het te vergoeden bedrag is er steeds sprake van enige normering via wetgeving of rechterlijk beleid van de toe te kennen (gematigde) bedragen. In bijna alle landen waar affectieschade wordt vergoed bedraagt deze een vergoeding rond een maximum van € 20.000,-. Twee uitschieters zijn Spanje, waarbij als hoogste bedrag € 90.000,- is toegekend, en Zwitserland, dat bedragen tot € 30.000 heeft uitgekeerd.

De wet en het besluit affectieschade is op 17 mei 2018 (Stb. 2018, 133) gepubliceerd in het Staatsblad. Voor ons de aangewezen mogelijkheid om de relevante ‘gevolgen’ voor uw (straf-) praktijk onder de aandacht te brengen.

Affectieschade
Met affectieschade wordt de immateriële schade bedoeld, die bestaat uit het verdriet dat wordt veroorzaakt door het overlijden of door het ernstig gewond raken van een naaste als gevolg van een gebeurtenis waarvoor een ander aansprakelijk is. Denk bijvoorbeeld aan een verkeersongeluk, medische fout, bedrijfsongeval of geweldsmisdrijf.

Tot op de dag van vandaag kan uitsluitend het slachtoffer zelf een smartengeldvergoeding vorderen van diegene die aansprakelijk is voor zijn of haar letselschade. Een vergoeding voor affectieschade was tot dusverre in het huidige Nederlandse recht niet mogelijk. Met het aannemen van de wet wordt erkend dat nabestaanden en directe naasten ook lijden onder emotionele schade. Financiële genoegdoening helpt bij de verwerking van de gebeurtenis, aldus de wetgever. Voor geïnteresseerden wijzen wij op de Memorie van Toelichting bij het wetsvoorstel, waarin uitvoerig de bedoeling van de wetgever wordt uiteengezet.

Affectieschade is niet hetzelfde als shockschade, die al wel voor vergoeding in aanmerking kwam. De Hoge Raad heeft in het bekende Taxibus-arrest in 2002 (HR 22 februari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD5356) aanvaard dat nabestaanden van slachtoffers van een verkeersongeval onder omstandigheden recht hebben op vergoeding van ‘shockschade’. Bij shockschade is er sprake van een directe confrontatie met een bijzonder ernstig ongeval of de gevolgen daarvan. Voor affectieschade is voornoemde directe confrontatie geen voorwaarde.

Besluit vergoeding affectieschade
Niet iedereen kan aanspraak maken op vergoeding van affectieschade. Het Besluit vergoeding affectieschade gaat uit van een vaste kring van gerechtigden: de partner van het slachtoffer, zijn kinderen en de ouders. Ook andere personen waarmee een zorgrelatie in gezinsverband bestaat kunnen in aanmerking komen, zoals pleegkinderen. Welk bedrag betaald moet worden, hangt onder meer af van: de relatie met het slachtoffer, of er sprake is van een ongeluk of een misdrijf en of er sprake is van ernstig en blijvend letsel of overlijden. Het is hierbij aan de rechter om te oordelen wat onder ernstig letsel valt. Gedacht kan worden aan de kenmerken zoals naar het Belgische recht: langdurige en pijnlijke ziekenhuisopname, zware blijvende gevolgen en (blijvende) invaliditeit.

Het gaat in ieder geval om een regeling met vaste bedragen tussen € 12.500,- en € 20.000,-. Gekozen is voor een regeling met vaste bedragen als vergoeding, om te voorkomen dat het commercialisering en een claimculuur in de hand werkt.

Betaling smartengeld
In de praktijk zullen verzekeraars opdraaien voor de kosten bij verkeers- en bedrijfsongevallen en bij medische missers. Alsdan betalen verzekeraarssmartengeld boven op de letselschade die ze de slachtoffers van ongelukken vergoeden. Het Verbond van Verzekeraars verwacht dat de wet zal leiden tot een stijging van de schadelast voor auto- en aansprakelijkheidsverzekeraars voor medische missers.

Bij misdrijven moeten daders het smartengeld betalen. Als de dader daartoe niet in staat is, dan schiet de Staat het smartengeld voor en verhaalt dat vervolgens op de dader middels de regeling van de schadevergoedingsmaatregel.

Zoals gezegd gaat de wet in op 1 januari 2019. Het voorziet niet in een inwerkingtreding met terugwerkende kracht. Uitsluitend schadeveroorzakende gebeurtenissen ontstaan op of na de dag van inwerkingtreding vallen onder de werking van de nieuwe wet.

Nieuwe wetten bieden nieuwe mogelijkheden. Niet alleen voor naasten, maar ook voor daders c.q. verantwoordelijken. Deze wet hoeft wat ons betreft niet beperkt te blijven tot financiële genoegdoening, maar kan tevens een brug slaan naar het herstelrecht. Per slot van rekening gaat het om erkenning van verdriet!








Posted in: Strafrecht