De wielrenner: welke regels zijn eigenlijk van toepassing? Een korte verkenning…

De wielrenner: welke regels zijn eigenlijk van toepassing? Een korte verkenning…
24 juli 2018

De Tour de France is weer in volle gang! Na zijn overwinning in de Giro d’Italia vorig jaar gaat onze Tom Dumoulin dit jaar ook in Frankrijk voor een podiumplaats. Daarnaast heeft de Nederlandse Annemiek van Vleuten recent glansrijk de Giro Rosa gewonnen. Vorige week dinsdag pakte zij ook de winst in de belangrijke eendagswedstrijd La Course. Op sportief gebied genoeg reden dus om je in het wielrennen te verdiepen. Echter, ook juridisch is dit interessant. Hoe zit het bijvoorbeeld met de verhouding tussen de wielrenners, hun ploegen en de UCI, de internationale wielerbond? Ik stip kort een aantal punten aan.

Arbeidsovereenkomst

Wielrenners hebben ‘gewoon’ een arbeidsovereenkomst met hun ploegen. Zo had Rasmussen – waarover hierna meer – toen hij nog voor de Rabo-ploeg fietste met die ploeg een arbeidsovereenkomst. Op zo’n arbeidsovereenkomst is in beginsel het ‘gewone’ arbeidsrecht van toepassing. Daarnaast zijn de UCI Regulations van toepassing. Ook de reglementen van de nationale wielrenbonden kunnen van toepassing zijn. Rasmussen was bijvoorbeeld gebonden aan zowel de UCI Regulations als de reglementen van de Koninklijke Nederlandsche Wielren Unie.

UCI Regulations

De UCI heeft voor de wielersport verschillende regels opgesteld:

  • Denk bijvoorbeeld aan een “Code of Ethics”, met daarin regels en bepalingen om de integriteit en de reputatie van de wielersport te beschermen.
  • Maar denk ook aan regels die specifiek zien op de organisatie van wielrenwedstrijden en de “Anti-Doping Rules”.
  • Voor de arbeidsverhouding van wielrenners zijn de zogenaamde “Joint Agreements” van belang. Voor wielrenners van zogenaamde “Professional Continental Teams” (de ploegen die op het hoogste niveau aan wielerkoersen meedoen) en de “World Teams” (het niveau daaronder) zijn daarin “working conditions” neergelegd, waaraan de werkgevers/wielerploegen zich moeten houden. Wielrenploegen mogen niet ten nadele van de renners afwijken van de “Joint Agreements”. De “Joint Agreements” zien onder meer op de volgende onderwerpen.

Salaris/vergoeding

Momenteel schrijft de UCI voor de renners van World Tour ploegen een minimumsalaris van € 38.115 bruto per jaar voor. Dit komt neer op zo’n €3.200 bruto per maand. Bij de pro continentale ploegen gaat het om € 38.115 bruto per jaar. De “Joint Agreements” bepalen voor de komende jaren wat het minimum bruto jaarsalaris moet bedragen. Uiteraard wordt dit salaris nog aangevuld met individuele sponsorcontracten. Ook wordt verdiend aan het prijzengeld voor de winst van koersen en etappes. Dat prijzengeld gaat overigens in eerste instantie wel naar de ploeg en dus niet naar de winnaar zelf. Wie dit jaar met de gele trui in Parijs op het podium staat, verdient daarmee € 500.000 voor zijn ploeg. De ploeg verdeelt dit geld vervolgens over de renners van die ploeg. Leuk om in dit verband te noemen: volgens de laatste cijfers verdient Chris Froome naar verluidt 4 miljoen euro per jaar!

Schorsing en ontslag

De “Joint Agreements” bepalen wanneer de wielerploeg tot ontslag op staande voet mag overgaan. Dat kan als sprake is van “serious misconduct”. Ook kan dat als de wielrenner is geschorst op grond van het UCI reglement. Materieel lijkt dit niet te verschillen van het Nederlandse recht, met als nuance dat de schorsing veelal wordt ingezet om te onderzoeken of er een reden is om tot ontslag (op staande voet) over te gaan.

Overig

Daarnaast bepalen de “Joint Agreements” bijvoorbeeld dat een wielrenner recht heeft op minimaal 35 vakantiedagen per jaar. Bij het opnemen van vakantie dient vervolgens rekening te worden gehouden met de competities en trainingssessies. Wanneer de wielrenner arbeidsongeschikt is, heeft hij/zij gedurende drie maanden recht op 100% van het salaris. De volgende drie maanden bedraagt het percentage 50%. Naar Nederlands recht bedraagt de loondoorbetaling minimaal 70%. De arbeidsovereenkomsten waar Nederlands recht op van toepassing is, geven vermoedelijk dan ook recht op een hoger percentage. Ook bepalen de “Joint Agreements” dat er geen proeftijd mag worden overeengekomen en dat de wielerploeg een levensverzekering ter hoogte van € 100.000 op naam van de wielrenner moet afsluiten. Tevens moet een wielerploeg een “Hospitalization and repatriation” verzekering afsluiten ten behoeve van de wielrenner en alle reiskosten van een wielrenner vergoeden.

Interessante wielrenzaken

2018: Froome-gate

Dit jaar was het zeer de vraag of favoriet Chris Froome de Tour de France wel zou mogen fietsen. Er was discussie omtrent de toelaatbaarheid van de hoeveelheid astmamedicatie die hij had gebruikt in een eerdere wedstrijd. Uiteindelijk oordeelde de UCI net op tijd dat Froome de Tour wel mocht rijden. Uit dit voorbeeld volgt welke rol de UCI in dergelijke beslissingen kan spelen.

De Tour 2007: Rasmussen

Een ander, alweer wat ouder voorbeeld is de zaak rondom de Deen Michael Rasmussen in de Tour de France van 2007.

Rasmussen was in die Tour de kopman van de Nederlandse Rabobank-ploeg en reed erg goed. Na een etappewinst en andere goede uitslagen, won hij op 25 juli 2007 in de gele trui zijn tweede etappe in die Tour. Hiermee kon de eindwinst hem eigenlijk niet meer ontgaan. Veel Nederlandse wielerfans waren uitzinnig. Weliswaar is Rasmussen een Deen, maar hij reed toch voor een Nederlandse ploeg. De Rabobank-ploeg haalde hem echter diezelfde dag nog uit de Tour. Vervolgens ging de ploeg over tot ontslag op staande voet. Wat was er aan de hand?

Rasmussen had in de training naar aanloop van de Tour zijn zogenoemde “whereabouts” niet juist ingevuld. Dit was in strijd met regels van het UCI, die op zijn arbeidsovereenkomst van toepassing waren. Het bijhouden van die “whereabouts” is van belang omdat dan (onaangekondigde) dopingcontroles kunnen plaatsvinden. Rasmussen had opgegeven dat hij zich in Mexico bevond, maar naar verluid was hij in werkelijkheid aan het trainen in de Dolomieten (Italië). Rasmussen mistte hierdoor twee dopingcontroles. De Rabobank-ploeg kwam hier naar eigen zeggen op die bewuste avond van 25 juli 2007 achter, waarna snel het ontslag op staande voet volgde. Dat was aanleiding voor een lange juridische procedure. Het werd de Rabobank-ploeg onder andere verweten dat het ontslag op staande voet niet onverwijld was gegeven. Immers, zo werd gezegd, de onregelmatigheden in de “whereabouts waren ruim voor het ontslag al bekend. Uiteindelijk werd in 2013 in hoger beroep door het hof Amsterdam geoordeeld dat het ontslag op staande voet wel degelijk terecht was gegeven.

Ontslag bij ziekte of zwangerschap?

Recentelijk kwam in het nieuws dat er in het wielrennen arbeidsovereenkomsten worden gesloten waarin staat dat ziekte of zwangerschap tot ontslag leiden. Ook staat er soms in contracten dat wanneer een wielrenner door een blessure niet kan fietsen, geen uitbetaling van het salaris plaatsvindt. Het moge duidelijk zijn dat dit juridisch, althans naar Nederlands recht, niet mogelijk is. Dat de arbeidsovereenkomst van een zwangere werkneemster zomaar wegens die zwangerschap wordt beëindigd is dan ook ondenkbaar. Datzelfde geldt voor het niet doorbetalen van het loon bij ziekte.

De Tour 2018…wie wint ‘m?

De Tour is de laatste week ingegaan en het is erg spannend. Hopelijk staat er straks een Nederlander op het podium in Parijs! De rechtsverhouding van de wielrenner is ook best spannend. Immers, er zijn allerlei verschillende regels op hem/haar van toepassing zijn. Duidelijk is in ieder geval dat we in een voorkomend geval even verder moeten kijken en denken dan boek 7, titel 10 BW!

Interessante Sdu blogs voor de wielrenliefhebber

Meer Sdu blogs lezen door Dick van Deventer?

Opmerkingen