Swipe to the left

Dubbele tong? Dubbel bevragen!

Print
Dubbele tong? Dubbel bevragen!
By 14 days ago 1194 keer bekeken Geen opmerkingen

Alcohol speelt in menig strafzaak een rol. Niet alleen verdachten, maar ook slachtoffers en getuigen moeten regelmatig een verklaring afleggen over een gebeurtenis die plaatsvond terwijl zij onder invloed van alcohol verkeerden. In een eerdere blog heb ik aan de orde gesteld dat in de stafrechtelijke context meer dan eens geheugenverlies wordt geveinsd ten gevolge van alcoholgebruik, en op welke wijze daadwerkelijk geheugenverlies van geveinsd geheugenverlies ten gevolge van alcoholgebruik kan worden onderscheiden (https://www.sdu.nl/blog/ik-weet-het-niet-meer-meneer-de-rechter.html).

Betrokkene in beschonken of nuchtere toestand horen?
In deze blog stel ik de vraag centraal of vanuit het oogpunt van accuratesse en volledigheid de betrokkene die in beschonken toestand verkeert direct na het incident moet worden gehoord of dat juist beter kan worden gewacht totdat hij is ontnuchterd. Hoewel dit op het eerste gezicht een open deur lijkt te zijn, laat onderzoek zien dat het antwoord niet zo eenduidig te geven is.

Mening rechercheurs
Rechercheurs geven de voorkeur aan het beginnen met het verhoor wanneer de betrokkene is ontnuchterd. Dit wordt echter anders wanneer sprake is van een ernstig delict. Ook matige intoxicatie staat naar oordeel van de rechercheurs er niet aan in de weg om aan te vangen met het verhoor. Zo is maar liefst 50% van de rechercheurs van mening dat verdachten en getuigen cruciale informatie direct na het delict geven, ook als de betrokkene dan nog onder invloed van alcohol is (K. van Oorsouw, H. Merckelbach en N. Willems, ‘Als verdachten of getuigen een slokje op hebben’, Expertise en Recht 2013, afl. 5/6, p. 204-209).

Onderzoeksresultaten
Als algemeen bekend wordt verondersteld dat alcohol het geheugen, en meer in het bijzonder de volledigheid en accuraatheid van herinneringen, in negatieve zin beïnvloed. Bovendien laten de resultaten van een Nederlandse veldstudie zien dat hogere promillages alcohol gepaard gaan met hogere suggestibiliteit (K. van Oorsouw, H. Merckelback en T. Smeets, ‘Alcohol intoxication impairs memory and increases suggestibility for a mock crime: A field study’, Applied Cognitive Psychology 2015, afl. 29, p. 493-501). Men is minder goed in staat om discrepanties in de gesuggereerde informatie en het oorspronkelijke geheugenspoor te detecteren wanneer men onder invloed van alcohol een verklaring aflegt.

Op het eerste gezicht zou je dan ook verwachten dat wachten totdat een persoon is ontnuchterd, de geijkte weg is om een verklaring te verkrijgen die de meest bruikbare informatie oplevert. Ontnuchteren blijkt echter niet de oplossing te zijn voor het verminderen van suggestibiliteit. De suggestibiliteit blijft ook in nuchtere toestand bestaan. De suggestibiliteit vindt waarschijnlijk haar oorsprong in het feit dat de oorspronkelijke herinnering niet goed is weggeschreven in het langetermijngeheugen waardoor er meer ruimte is voor suggestie. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat het hebben van een kater niet wenselijk is op het moment dat iemand informatie uit zijn geheugen probeert op te halen. Dit heeft vooral te maken met de subjectieve gevoelens van depressie en vermoeidheid die een correcte weergave van de gebeurtenissen nadelig beïnvloeden, en niet zozeer met het geheugen (K. Van Oorsouw en J. Ramaekers, ‘Delicten en verklaringen onder invloed van alcohol en drugs’, in: P. van Koppen e.a., Routes van het recht: over rechtspsychologie, Den Haag: Boom Juridisch 2017, p. 113).

Daarentegen zorgt het direct na het incident horen van de betrokkene ervoor dat de herinnering nog vers is en de minste informatie verloren gaat. Recent onderzoek suggereert dan ook dat een beschonken persoon vanuit het oogpunt van accuratesse en volledigheid van de verklaring het beste tweemaalkan worden gehoord, eenmaal direct na het incident en eenmaal nadat hij is ontnuchterd. Herhaaldelijk ondervragen blijkt beschermend te zijn voor het geheugen, terwijl wachten met ondervragen meer negatieve effecten heeft op het correct herinneren van de gebeurtenis en informatie verloren gaat. De groep beschonken respondenten die in de genoemde studie pas een week later voor het eerst ondervraagd werd, bleek in alle opzichten slechter te presteren dan de groep beschonken respondenten die direct of herhaald werd ondervraagd (K. Van Oorsouw en J. Ramaekers, ‘Delicten en verklaringen onder invloed van alcohol en drugs’, in: P. van Koppen e.a., Routes van het recht: over rechtspsychologie, Den Haag: Boom Juridisch 2017, p. 114).

Conclusie
In algemene zin kan worden geconcludeerd dat verklaringen van personen die onder invloed van alcohol verkeerden ten tijde van het incident met de nodige behoedzaam moeten worden betracht. Vanuit het oogpunt van accuratesse en volledigheid van de verklaring is het zaak om de betrokkene tweemaal te horen; direct na het incident en wanneer hij is ontnuchterd. Indien de betrokkene gehoord wordt nadat hij is ontnuchterd, is het van belang om in het oog te houden dat niet alle effecten van het alcoholgebruik teniet zijn gedaan. Ook dan is het van belang te beseffen dat de betrokken persoon nog even suggestibel is als toen hij nog in beschonken toestand verkeerde, alleen dan zullen deze beperkingen minder in het oog springen omdat de betrokken persoon inmiddels weer in “normale” toestand is komen te verkeren.

Posted in: Strafrecht