Kabinet laat MKB in de kou staan!

Loading...
Kabinet laat MKB in de kou staan!
25 april 2018 1713 keer bekeken

Op 10 oktober 2017 heeft het kabinet in het regeerakkoord 2017-2021, getiteld ‘Vertrouwen in de toekomst’, zijn plannen voor de toekomst gepresenteerd. Op fiscaal terrein bevat het regeerakkoord meer voorstellen dan menigeen zal hebben verwacht. Ik noem de volgende: in de vennootschapsbelasting stelt het kabinet een verlaging van de VPB-tarieven voor naar 21% (bij meer dan € 200.000 winst) respectievelijk 16% (tot € 200.000 winst) alsmede de afschaffing van de dividendbelasting (behalve in misbruiksituaties en naar zogenoemde ‘low tax jurisdictions’). Hiervan profiteert vooral het grote internationaal opererende bedrijfsleven. In de inkomstenbelasting worden de huidige vier belastingtarieven – materieel zijn het er overigens drie, want het (effectieve) tarief in de tweede en derde schijf is (al jaren) gelijk – teruggebracht tot twee tarieven van 37% (afgerond) en 49,5%, een zogenoemde vlaktaks plus. Hiervan profiteren vooral de werknemers. De vraag is hoe dit nu zit voor het midden- en kleinbedrijf, zeg maar de IB-ondernemers en directeuren-grootaandeelhouders. Daarover gaat deze opinie, maar de titel ervan maakt al duidelijk dat zij er bekaaid vanaf komen.

IB-ondernemers

Op het eerste oog zou gedacht kunnen worden dat de ondernemers in de inkomstenbelasting ook profiteren van de tariefverlaging in box 1 in de IB, want hun winst uit onderneming wordt in box 1 belast en die tarieven gaan omlaag. Maar dat blijkt bij nadere beschouwing een misverstand. In het regeerakkoord staat namelijk ook dat alle aftrekposten in de IB voortaan nog maar aftrekbaar zullen zijn tegen het laagste tarief van 37% (afgerond). Op dit moment is dit al enige jaren geleden in gang gezet voor de eigenwoningrenteaftrek, die met een beperking van een 0,5%-punt per jaar naar het laagste IB-tarief kruipt. Dit tempo zal worden versneld, want dat wordt 3%-punt per jaar. Over zo’n vier à vijf jaar zitten we met deze aftrekpost dan op het laagste belastingtarief. Maar dit geldt dus voor alle aftrekposten in de IB. Het regeerakkoord noemt de zelfstandigenaftrek met naam en toenaam, maar inmiddels is gebleken dat dit ook zal gelden voor de MKB-winstvrijstelling. Met name die laatste aftrekpost is voor IB-ondernemers substantieel, en dan maakt het nogal wat uit of je die tegen 49,5% mag vergelden of slechts tegen 37% (afgerond). Effect van deze aftrekbeperking is echter dat de tariefverlaging voor IB-ondernemers zo geheel wordt geneutraliseerd, zodat IB-ondernemers nauwelijks profiteren van de tariefverlaging in box 1.

Dit is het eerste deel van een NTFR Opinie geschreven door prof.dr.mr. E.J.W. Heithuis. De volledige opinie kunt u hier inzien. Deze Opinie is opgenomen in NTFR 17 van 26 april 2018 (NTFR 2018/971).


Blijf op de hoogte van onze blogs en meer door Sdu Fiscaal te volgen op LinkedIn
Opmerkingen