Naamrecht met ingang van 1 januari 2024 - deel 2

Naamrecht
24 augustus 2023

Met ingang van 1 januari 2024 wijzigt ons naamrecht ingrijpend. 
Het wordt mogelijk gemaakt dat de ouders hun kind een gecombineerde geslachtsnaam geven. 
In drie onderdelen heeft de redactie van VIND Burgerzaken de voor de ambtenaar van de burgerlijke stand van belang zijnde wijzigingen op een rij gezet.
Het betreft in onderdeel 1 de wijzigingen zoals die vanaf 1 januari 2024 gaan gelden. 
Dit geldt eveneens voor onderdeel 2 het IPR. 
In onderdeel 3 is het overgangsrecht beschreven dat van 1 januari 2024 t/m 31 december 2024 zal gelden. 
De redactie hoopt hiermee een voor de ambtenaar van de burgerlijke stand handzame instructie te hebben gegeven.
Zodra de nieuwe modelakten en Latere Vermeldingen zijn uitgebracht worden deze aan de diverse onderdelen toegevoegd. 

Mochten er naar aanleiding van dit artikel nog vragen zijn kun je die stellen via vindburgerzaken@sdu.nl.

De redactie van VIND Burgerzaken.

 

2. Veranderingen in het IPR

(Versie: 20-8-2023) Léon Evers, Jan Otten, Henk Vat, Maurice Gordijn & Alain Baptiste

Het onderstaande geldt voor kinderen die zijn geboren ná 31 december 2023.

 

Artikel 10:25 lid 1, onderdelen a-f BW

De hier genoemde keuzemogelijkheden worden uitgebreid met de keuzemogelijkheid voor een combinatie van de geslachtsnamen van de ouders (zonder verbindingsstreepje).
Let op: Wanneer een van de ouders een naamsketen heeft, kan hiervoor in de combinatie niet worden gekozen.

 

Artikel 10:25 lid 3 BW

Het kind verkrijgt naast de Nederlandse een of meerdere vreemde nationaliteiten, of kan deze verkrijgen. Is het kind bij geboorte staatloos, maar kan het door registratie een vreemde nationaliteit verkrijgen, dan kan dit naamrecht worden toegepast. Omdat de BRP geen andere nationaliteit naast de Nederlandse registreert, moet onderzoek worden gedaan of mogelijk sprake is van een of meerdere vreemde nationaliteiten of de verkrijging daarvan naast de Nederlandse nationaliteit. De ouders moet dan de keuze worden voorgelegd welk naamrecht zij voor hun kind wensen. Het gaat hier niet om rechtskeuze, maar om een extra keuzemogelijkheid tussen het Nederlandse en het vreemde naamrecht. Kiezen ze voor het Nederlandse naamrecht, dan kan een keuze worden gedaan zoals die is opgenomen in artikel 1:5.

Voorbeeld
Het echtpaar Willem Jansen en Maria Gonzales Diaz krijgt een eerste kind. De moeder bezit naast de Nederlandse ook de Spaanse nationaliteit. Het kind verkrijgt ook deze nationaliteit en is bipatride. De ouders hebben de mogelijkheid te kiezen voor het Nederlandse of het Spaanse naamrecht.  

Nederlandse naamrecht
Het kind krijgt de geslachtsnaam Jansen. Wanneer een akte van naamskeuze wordt opgemaakt of bij geboorteaangifte een keuze wordt gedaan, kan worden gekozen voor: 
   - Gonzales Diaz;
   - Jansen Gonzales Diaz;
   - Gonzales Diaz Jansen.
   - Jansen Gonzales
   - Jansen Diaz
   - Gonzales Jansen
   - Diaz Jansen

Wordt bij de geboorteaangifte de keuze gedaan dan moeten beide ouders de akte ondertekenen.

Spaanse naamrecht
De ouders laten weten dat zij voor de Spaanse naam kiezen. Er wordt in dit geval geen akte van naamskeuze opgemaakt. Dit betekent dat de keuze bij de geboorteaangifte moet worden gedaan. Het kind krijgt dan de geslachtsnaam Jansen Gonzales, te weten de geslachtsnaam van de vader, gevolgd door het een deel van de geslachtsnaam van de moeder. 

Omdat het in Spanje sinds het jaar 2000 mogelijk is dat de ouders zelf de volgorde van de namen kiezen, kan ook worden gekozen voor de naam: Gonzales Jansen.
Er kan ook worden gekozen voor de geslachtsnaam Jansen Diaz of Diaz Jansen.
De aldus gekozen geslachtsnaam wordt meteen in het eerste gedeelte van de geboorteakte vermeld. De aangever, een van de ouders, bepaalt of er voor het Spaanse naamrecht wordt gekozen.

 

Artikel 10:19 lid 2 BW

Het kind krijgt bij geboorte, of op een later tijdstip, één of meerdere vreemde nationaliteiten. De regel was en is dat het kind de geslachtsnaam krijgt conform het recht van de staat van zijn nationaliteit waar het op dat moment ook woont. Woont het kind niet in die staat, dan krijgt het de naam conform het recht van de nationaliteit van de staat waarmee het, alle omstandigheden in aanmerking genomen, de nauwste band heeft. De effectieve nationaliteit dus.
In de praktijk komt het erop neer dat het aan de ouders wordt overgelaten welk naamrecht wordt toegepast. Deze bestaande praktijk aangaande het maken van een rechtskeuze voor het recht van een andere staat waarvan het kind de nationaliteit (ook) bezit of kan verkrijgen, wordt in de wet neergelegd. 

De keuze wordt door de aangever gedaan bij de geboorteaangifte. Er wordt geen akte van naamskeuze opgemaakt en ook in de geboorteakte wordt geen melding gemaakt van het gekozen recht. De aldus gekozen naam wordt gelijk in het eerste gedeelte van de geboorteakte opgenomen. In principe is het dus mogelijk dat, indien er meerdere kinderen zijn met diverse nationaliteiten, voor elk kind een andere rechtskeuze kan worden gedaan.

Let op het grootouder-artikel, het kind kan ook de Nederlandse nationaliteit verkrijgen.

 

Dit artikel is onderdeel van de 3-delige serie over Naamrecht met ingang van 1 januari 2024. Meer lezen? 

Naamrecht met ingang van 1 januari 2024 - deel 1: Veranderingen in het naamrecht

Naamrecht met ingang van 1 januari 2024 - deel 3: Het overgangsrecht (1 januari t/m 31 december 2024)

 

Opmerkingen