Swipe to the left

Wanted: stop de misleiding van 17 miljoen ‘strafrechters’

Print
Wanted: stop de misleiding van 17 miljoen ‘strafrechters’
By 6 juli 2017 78314 keer bekeken Geen opmerkingen

Zoals het Nederlands elftal bijna 17 miljoen bondscoaches heeft, zo kent ons strafrecht bijna 17 miljoen rechters. Vrijwel iedereen heeft een mening over het strafrecht. In het voetbal wordt de mening niet zelden gevormd op basis van analisten in praatprogramma’s of gewoon op basis van wat men op beelden ziet. In het strafrecht ligt dat lastiger: de 17 miljoen ‘rechters’ kennen vrijwel nooit de verdachte. Evenmin kennen ze het dossier. Dat het strafrecht zo leeft, is toe te juichen. Maar de wijze waarop meningen worden gevormd en beïnvloed, baart mij zorgen.

De “deskundigen” die in de media naar voren treden zijn niet zelden belanghebbend. Neem de politicus: hij heeft een electoraal belang; populisme, versimpeling van zaken en gebrek aan specialistische kennis is geregeld aan de orde. Of neem de advocaat: hij dient enkel het belang van de cliënt. Daar is niets mis mee, maar het uitsluitend dienen van het belang van de cliënt brengt geregeld beperkingen mee in het volledig en adequaat informeren van het publiek. Of neem het Openbaar Ministerie: niets menselijks is het OM vreemd, in de berichtgeving ligt de nadruk op de eigen successen. Zo horen we bijvoorbeeld wel juichende berichten over de omvang van beslag op waardevolle goederen en het behalen van targets. Maar wie weet hoeveel er weer teruggegeven wordt aan gewezen verdachten? En wie heeft van het OM gehoord dat het aantal schadevergoedingen aan gewezen verdachten dit jaar voor het zoveelste jaar op rij is gestegen?

Los van de eigen belangen die menig deskundige bij het verkondigen van zijn boodschap heeft, is het gebrek aan kennis en het populistische gehalte soms stuitend.

De trouwe bezoeker van deze blog weet – althans zou moeten weten – dat strafrecht een vak is en dat kennis van zaken bij de uitoefening van dit vak zacht gezegd best handig is.

Tot mijn grote spijt zie ik echter dat er met grote regelmaat op niet constructieve, zelfs vernietigende wijze wordt gesproken over ons strafrecht. Vrijwel wekelijks constateer ik dat er onzinnige dingen worden gezegd over “mijn” vakgebied. Of dat zaken wel heel eenzijdig en/of onvolledig worden belicht. Om nog maar niet te spreken over populistische standpunten, niet ingegeven door enig zicht op de realiteit. Of erger: niet ingegeven door enige kennis van zaken. Met desastreuze gevolgen voor mensenlevens. De weinig constructieve bijdragen komen overigens niet alleen uit de mond van bijvoorbeeld parlementariërs en journalisten maar ook uit de hoek van de advocatuur. En ik constateer dat de beeldvorming die zo langzamerhand is ontstaan, een onaangename druk legt op ons strafproces. Zomaar een greep uit wat nieuwsartikelen van de afgelopen weken:

Voorbeeld 1: doorknippen enkelband niet strafbaar
Op 1 juni jl. stelt Tweede Kamerlid Foort van Oosten (VVD) in de Telegraaf dat het doorknippen van een enkelband geen strafbaar feit is. Deze stelling is onjuist: het doorknippen is niets anders dan een strafbare vernieling, een misdrijf dat bedreigd wordt met een maximale gevangenisstraf van twee jaren. Maar kennelijk volstaat dit niet: er zou een speciale strafbaarstelling moeten komen: een hogere straf is nodig puur voor het losmaken. Realistisch of populistisch? Ik zou menen dit laatste. Personen met een enkelband hebben die enkelband namelijk doorgaans in het kader van een voorwaardelijke invrijheidstelling. Pleegt men een strafbaar feit in de fase dat men onder voorwaarden in vrijheid is gesteld, dan kan en zal het doorgaans komen tot een herroeping van die invrijheidstelling. Daar kan men op basis van art. 15h Sr onmiddellijk voor worden aangehouden en in detentie voor worden gezet. En dan gaat het om nu al een detentie van vrijwel altijd minimaal enkele maanden tot geregeld enkele of zelfs vele jaren. Nu al, op basis van de huidige regeling. Wat voegt een afzonderlijke strafbaarstelling dan nog toe? Qua preventie of vergelding werkelijk niets. Much ado about nothing dus, een onzinnig plan uitsluitend op basis van electorale motieven. “Enkelbandknippers” komen er nu al bepaald niet zachtzinnig vanaf.

Voorbeeld 2: tbs afschaffen
Berucht inmiddels is ook een parlementslid van de PVV die bijna wekelijks Kamervragen over tbs stelt. De laatste Kamervraag is daarbij doorgaans van het kaliber: “Vindt u ook niet dat criminelen met een persoonlijkheidsstoornis gewoon in de cel behandeld moeten worden en dat TBS moet worden afgeschaft? Zo nee, waarom niet?” De vraag zal vele kiezers aanspreken. Maar de vraag getuigt ofwel van een groot gebrek aan kennis ofwel van elke vorm van medemenselijkheid. Met een voorbeeld wil ik dit verduidelijken.

Peter heeft in de jaren ’80/’90 gruwelijke gebeurtenissen meegemaakt in West-Afrika. Hij groeide op in een sloppenwijk te midden van oorlog, dood en verderf. Als hij voetbalde met zijn vriendjes, dan voetbalden ze met schedels . In de jaren ’90 vond Peter zichzelf als vluchteling terug in Nederland. Weinig verwonderlijk kwam hij al snel – ik spreek over eind jaren ’90 – in een psychiatrische inrichting terecht. Sinds die tijd heeft hij vrijwel doorlopend in psychiatrische inrichtingen verbleven. Peter heeft niets of niemand in Nederland. Hij heeft alleen zijn advocaat. Die hij nooit belt, want Peter is erg op zichzelf. Vanaf eind jaren ’90 is hij, zoals hij het zegt, “zijn liefde kwijt”. Peter laat geen kans onbenut om dit te zeggen. Elke vraag die hij gesteld krijgt, beantwoordt hij met de mededeling dat hij zijn liefde kwijt is. Dat doet hij al jarenlang. Letterlijk. Tegen mij, tegen de politie, tegen de rechters. Tegen iedereen. En hij kan hierover heel boos over worden. Peter is boos geworden op de psychiater die hem zei dat hij uitbehandeld was. Want die psychiater had zijn liefde niet gevonden. De psychiater moet hem helpen met zoeken, Peter weet precies in welke kliniek zijn liefde ligt en wie dat heeft afgepakt. Peter voelt zich onbegrepen. Hij werd om die reden ook boos op een verpleegkundige. In de gesloten inrichting waar hij zat, heeft hij toen een ernstig misdrijf gepleegd. Hij kon het niet bevatten dat niemand hem wilde helpen met het terugvinden van “zijn liefde”. De rechters hebben het relaas van Peter ernstig aangehoord. En hem geheel ontoerekeningsvatbaar bevonden –waarmee de rechter zegt dat hem niets te verwijten is. Peter kreeg tbs.

Is Peter een crimineel? In de verste verte niet. Peter is ziek, hij is een patiënt. Het is diep treurig om onder ogen te zien dat Peter zo in zijn eigen wereld zit en dat niemand hem kan helpen. En het is ook buitengewoon treurig dat een parlementariër hem neerzet als een crimineel – want tbs-ers zijn criminelen, zo is de stelling - en hem wil opsluiten in een gevangenis. Het getuigt van een visie op het strafrecht en op mensen die de mijne niet is. Maar voor de meeste van de 17 miljoen ‘strafrechters’ in Nederland is dit een ver van mijn bed show. Zij kennen geen Peters. Zij kennen steekpartijen, misdrijven en misdadigers. Maar geen Peters. En een aantal prikt daarmee niet door het populisme en het onmenselijke standpunt van de woordvoerder van Justitieaangelegenheden van een van de grootste politieke partijen heen.

Voorbeeld 3: zwijgrecht
Ook vanuit de advocatuur een voorbeeld van onjuiste beeldvorming. Op 30 juni jongstleden was in het programma Jinek een advocate te zien, die over haar van moord verdachte minderjarige en kennelijk hoofdzakelijk zwijgende cliënt vertelde dat ze haar cliënten altijd adviseerde om naar waarheid te verklaren of te zwijgen. Deze cliënt adviseerde ze te zwijgen. Ongeacht of dit een ongelukkige uitlating of een slip of the tongue is: de beeldvorming bij de 17 miljoen ‘strafrechters’ is dat deze cliënt maar beter de waarheid niet kan vertellen. En dat het zwijgrecht een recht is dat gebruikt wordt als je schuldig bent en je iets te verbergen hebt. Een funest beeld en bezijden de waarheid. Nog een voorbeeld uit eigen praktijk.

Wesley ziet tijdens een feestje bij iemand thuis de ene na de andere jongen naar boven gaan en weer beneden komen. Wesley is nieuwsgierig en gaat ook boven kijken. Hij ziet daar in een slaapkamer een gedrogeerd, half ontbloot meisje liggen. Hij schrikt enorm. Wesley gaat direct naar beneden en slaat alarm. Wesley wordt samen met de andere aanwezige jongens uiteindelijk aangehouden op verdenking van betrokkenheid bij een groepsverkrachting. In een gedetailleerde verklaring vertelt Wesley de politie dat hij weliswaar in de woning was en ook in de kamer is geweest waar het meisje ontbloot lag, maar hij sloeg juist alarm. Wesley ontkende dus, hij verklaarde stellig en op consistente wijze dat hij niet schuldig was aan deze groepsverkrachting. De rechtbank heeft Wesley veroordeeld tot een gevangenisstraf. Daarbij is ongeveer 80% van de ontkennende verklaring van Wesley als bewijsmiddel tegen hem gebruikt: want uit die verklaring volgde toch dat hij in de woning was en dat hij zelfs in de kamer van het meisje is geweest? De lering die ik uit deze zaak heb getrokken, is dat ook een ontkennende verdachte geregeld maar beter kan zwijgen. Een advocaat hoort het publiek duidelijk te maken wat het belang is van het zwijgrecht en waarom uit het zwijgrecht niet zomaar conclusies getrokken kunnen worden (de discussie dat dit kan anders zijn bij een “situation which clearly calls for an explanation”, laat ik hier even rusten, ik volsta met de opmerking dat dan helemaal uitleg door de advocaat vereist is)

Overigens is Wesley in hoger beroep alsnog vrijgesproken, maar zijn gevangenisstraf had hij toen al uitgezeten.

Minimumstraffen/werkstrafverbod
Ik kan tal van andere voorbeelden geven. Wat te denken van de verslaafde veelplegende cliënt die met veel moeite van zijn verslaving af is gekomen, per circa 2003 een eigen woning en werk kreeg, zijn criminele leven vaarwel zei maar nadien (we spreken over circa 2005) nog twee keer een terugval in zijn verslaving heeft gehad met relatief geringe misdrijven – maar wel misdrijven – tot gevolg? Moet je zo iemand alles wat met veel moeite is opgebouwd weer afpakken? Is dat een maatschappelijk belang? Naar de huidige stand van de wetgeving had deze cliënt in ieder geval geen werkstraf mogen doen en had hij dus een gevangenisstraf moeten krijgen. Desastreus. Voor de cliënt maar ook voor de maatschappij. Geen parlementariër – een enkeling daargelaten wellicht - die de 17 miljoen rechters heeft gewezen, of zal wijzen, op dit gevolg. Deze voormalige cliënt is inmiddels een voorbeeldig burger. Mede dankzij de rechters die indertijd – anders dan nu - alle vrijheid hadden om maatwerk te leveren.

Voorbeelden overig
Aan het onderwerp in deze blogs zou ik met groot gemak nog enkele blogs kunnen besteden. Week in week uit komen in de media retoriek, populisme en onjuistheden voorbij. Sommige kwalijk, sommige onschuldiger. Ik herinner me een recente tweet van een journalist over een collega-journalist die bij een strafzitting die zag op een diefstal in vereniging de vraag stelde over welke vereniging de zaak ging.Dat geeft weinig hoop op een juiste verslaglegging. Ook kan ik noemen de Officier die in een interview uitlegt dat beperkingen inhouden dat politie en OM inhoudelijk niets over de zaken mogen zeggen en een kamerlid dat beweert dat op eenvoudige mishandeling met voorbedachte raad een gevangenisstraf van 12 jaar staat. Of een parlementariër die een minderjarige verdachte/dader levenslang in de cel wil, in strijd met het Internationaal Verdrag voor de Rechten van het Kind.

Afsluitend:
Het aanhoudende populisme, de voortdurende onjuistheden, halve waarheden en onjuiste beeldvorming die “deskundigen” over onze 17 miljoen ’strafrechters’ uitstorten leiden tot veel onbegrip en onrust. In dit verband haal ik aan dat in de afgelopen jaren tal van kranten lezersjury’s hebben gehad. Deze lezersjury’s waren vrijwel altijd van mening dat de rechter wel erg streng is en zwaar straft. Waarmee gezegd is dat kennis van zaken de mening beïnvloedt. En niet onbelangrijk, dat kennis van zaken het strafrecht vermenselijkt.

Als advocaat staat het mij niet vrij de rechter te misleiden. Ik zou willen dat deze regel ook geldt voor alle partijen – ongeacht of het nu gaat over politici, officieren of advocaten - die hun zaak voor 17 miljoen ‘strafrechters’ bepleit
Posted in: Strafrecht