Bouw een zandbak voor juridische innovatie

Loading...
Bouw een zandbak voor juridische innovatie
28 oktober 2020 104 keer bekeken

Er wordt de laatste tijd veel gesproken over juridische innovatie. Als medeoprichter van Dutch Legal Tech denkt men nogal eens dat ik (‘die IT-jongen’) het in dat kader vooral heb over technologische innovatie. Maar dat is zeker niet zo. Legal tech gaat voor mij vooral over cultuurverandering.

Het woord tech in legal tech zet de lezer wellicht op het verkeerde spoor. Natuurlijk gaat het over technologie, maar technologie is alleen interessant als het bijdraagt aan een bredere verandering. Mijn definitie van legal tech: het toekomstproof maken van het juridisch domein. Dat gaat allereerst om een verandering van cultuur. En ja, dat toekomstbestendig maken gaat meestal gepaard met technologie.

De huidige cultuur binnen de meeste juridische bedrijven en afdelingen kenmerkt zich door regels en procedures die nageleefd moeten worden. In zo’n beheersgerichte cultuur ontbreekt het aan een voedingsbodem voor verandering. Verandering is lastig en wordt onvoldoende gestimuleerd. Dat is op zich logisch; juristen zijn (en worden nog steeds!) opgeleid om vooral binnen de lijntjes te kleuren. Maar zonder verandering geen vooruitgang. Wil het juridisch domein ook over vijftien jaar nog bestaansrecht hebben, dan moet er echt wat in beweging komen.

Juristen moeten een sprong in het diepe durven wagen en gaan experimenteren. Niet zozeer met technologische mogelijkheden, maar vooral met andere manieren van dienstverlening. De klant verandert namelijk ook en verwacht dat dienstverlenende bedrijven mee transformeren en blijven voorzien in hun veranderende behoeften. Ga  bijvoorbeeld eens op een andere manier met je klant in gesprek, met de benen op tafel, over de uitdagingen die de klant ervaart en waar hij ’s nachts wakker van ligt. Met die kennis kun je echte waarde toevoegen als trusted advisor.

Ik begrijp echt wel dat het juridisch domein zich niet zomaar leent voor experimenten. De vele regels zijn er met een reden. Maar experimenteren kan ook ‘veilig’. Kijk bijvoorbeeld naar de regulators in de financiële sector: zij hebben zogenoemde ‘regulatory sandboxes’ opgericht, waar het binnen een gecontroleerde omgeving en onder toezicht van een toezichthouder mogelijk is om – los van regelgeving – te experimenteren met innovatieve bedrijfsmodellen of producten en diensten.

In de Amerikaanse juridische sector is dit voorbeeld overgenomen door het Utah Supreme Court en de California State Bar. Zo’n gecontroleerde omgeving maakt het mogelijk dat we kansrijke initiatieven als KVdL | Sync en BrandMR de ruimte kunnen geven. En in deze omgeving zouden we ook met goede kwalitatieve datasets kunnen werken, verstrekt door advocatuur, rechterlijke macht en rechtsbijstandsverzekeraars, om te bouwen aan nieuwe producten en nieuwe werkwijzen of zelfs nieuwe verdienmodellen. Nu ontbreekt het ons aan deze data waardoor de oplossingen kwalitatief te wensen overlaten. Als bestuurslid van de European Legal Tech Association (ELTA) maak ik me hard voor een  internationale ‘zandbak’.

We kunnen veel leren over een liberaler stelsel van de landen om ons heen, zoals uiteraard Groot-Brittannië, maar ook Spanje en Zweden. Alleen door te experimenteren kunnen we leren waar de kansen van de toekomst liggen. Ik roep juristen op om, samen met de beroepsorganisatie en verantwoordelijke ministeries, een veilige omgeving te creëren waarbinnen zij echt los kunnen en mogen komen van het strakke keurslijf.

 

Over de schrijver: Jeroen Zweers is Legal Innovation consultant bij NOUN. Hij was eerder als innovator verbonden aan Dirkzwager en Kennedy Van der Laan.

Dit artikel is eerder gepubliceerd in Advocatie Magazine, editie Okt 2020.
Klik hier om het magazine te lezen.