Per 1 oktober 2012 strenge normen voor gebruik derivaten door woningcorporaties


Minister Spies van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft beleidsregels opgesteld voor het gebruik van derivaten door woningcorporaties. Deze beleidsregels zijn 1 oktober 2012 ingegaan.

Een van de elementen is dat woningbouwcorporaties in nieuwe derivatencontracten alleen nog de zogeheten ‘payer swaps’ en ‘rentecaps’ mogen gebruiken. De minister ligt toe dat bij een payer swap de corporatie over een lening een vaste rente betaalt en een variabele rente ontvangt. De maximale looptijd van dit contract wordt begrensd op tien jaar. Een toegestane rentecap is volgens de minister een verzekering die een plafond stelt aan de maximaal te betalen rente.

Een andere eis die uit de beleidsregels voortvloeit, is dat woningcorporaties voor al hun derivaten – nieuw en bestaand – voldoende buffers moeten aanhouden om eventuele claims bij rentedalingen te voldoen. Zo wordt een liquiditeitsbuffer vereist die voldoende is om een rentedaling van twee procentpunt op te vangen. Een corporatie moet het Centraal Fonds voor de Volkshuisvesting informeren en maatregelen nemen indien die buffer niet meer aan deze eis voldoet. Een aanvullende maatregel zou kunnen zijn het aanzuiveren van de buffer of het afbouwen van de risico’s van de derivatenportefeuille.

De beleidsregels vereisen ook dat de contracten geen clausules mogen hebben die het toezicht belemmeren. Bestaande contracten kunnen worden uitgediend, zo stelt de Minister, mits er geen toezichtbelemmerende clausules in zitten. Is dit wel het geval, dan moeten deze binnen een redelijke termijn worden afgebouwd.

Tevens gaat de eis gelden dat woningcorporaties uitsluitend als ‘niet-professionele belegger’ in derivaten mogen handelen met banken.

Het doel van de beleidsregels zal niemand verbazen, immers dat is het voorkomen dat corporaties toch…

Verder lezen
Terug naar overzicht