Aanwijzing opsporingsambtenaren [Tekst geldig vanaf 01-05-2003]

[Tekst geldig vanaf 01-05-2003]



De Minister van Justitie,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de Minister van Verkeer en Waterstaat;

Gelet op de artikelen 1, onder 4°, en 17, eerste lid, onder 2°, van de Wet op de economische delicten;

Besluit:


Artikel 1

1.

De ambtenaren van de Arbeidsinspectie, aangewezen op grond van artikel 77 van de Arbeidswet 1919 (Stb. 624), worden aangewezen als ambtenaren, belast met de opsporing van overtredingen van voorschriften, gesteld bij of krachtens de Rijtijdenwet 1936, voor zover deze overtredingen economische delicten zijn in de zin van artikel 1 van de Wet op de economische delicten.

2.

De ambtenaren van de Rijksverkeersinspectie, aangewezen bij het Besluit van 12 juni 1936, Stb. 573, tot instelling van een Rijksverkeersinspectie, worden aangewezen als ambtenaren, belast met de opsporing van overtredingen van voorschriften, gesteld bij of krachtens de Rijtijdenwet 1936, voor zover deze overtredingen economische delicten zijn in de zin van artikel 1 van de Wet op de economische delicten.


Artikel 2

Deze regeling die in de Staatscourant wordt geplaatst treedt in werking op 1 mei 1992.

's-Gravenhage, 28 april 1992

De Minister voornoemd,

Het Hoofd van de Directie Politie,

Voor deze,

O. C. W. v. d. Veen
Verder lezen
Terug naar overzicht